Wedstrijdreglement Districtswedstrijden

REGLEMENT DISTRICTSWEDSTRIJDEN

MIDDEN & OOST GELDERLAND

per 1 september 2000. Laatste wijzigingen op 11 oktober 2019.

 

Afkortingen:

 

  • CR: Competitie reglement NBB
  • DB District bestuur
  • DKL District kompetitie leider
  • PC Protest commissie NBB
  • PCD Protest commissie district
  • RD Reglement districtswedstrijden
  • SR Spelregels
  • WL Wedstrijdleider
  • WR Wedstrijdreglement NBB

 

I. Algemene bepalingen

 

Artikel 1 Reglementen

Tenzij anders vermeld zijn de gangbare NBB reglementen van toepassing. Dit betreft met name:

  • De rookregeling (art. 3 WR)
  • Communicatieapparatuur (art. 13 WR)
  • Stop en alerteerregeling (art. 10 resp. 8 WR). De alerteerregeling is te vinden op:

    Zie https://www.bridge.nl/documenten/Alerteerregeling.pdf

  • Systeemkaarten (art. 6 WR)

  • Invallers (art. 28 CR (viertallen) of 39 CR (paren)).

  • Bidding boxen

 

Artikel 2: Vervallen

Artikel 3: Vervallen

Artikel 4: Vervallen

 

 

Artikel 5 Bruine stickerconventies/Hoogst Ongebruikelijke Methoden

Het gebruik van bruine stickerconventies (BSC) en Hoogst Ongebruikelijke Methoden (HOM) is niet toegestaan. Voor de definitie van BSC en HOM wordt verwezen naar de regeling van de NBB.

 

Artikel 6: Vervallen

 

Artikel 7 District Kompetitie Leider

De DKL fungeert voor alle door het district georganiseerde wedstrijden als hoofdwedstrijdleider. Het is voor het uitoefenen van die functie niet nodig dat hij bij die wedstrijden fysiek aanwezig is. (vgl. art. 4 lid 4 CR)

Bevoegdheden van het districtsbestuur, in haar capaciteit als Regelend Bestuur (RB), voortvloeiend uit wedstrijd- of competitiereglementen (van de NBB), zijn gedelegeerd aan de DKL.

 

Artikel 7a Communicatie met de competitieleider

Communicatie met de competitieleider dient bij voorkeur via email te geschieden. Voor urgente zaken kan de telefoon gebruikt worden. 

 

Artikel 8 Gegevens op website

De website van het district is doorslaggevend voor alle gegevens betreffende de wedstrijden. Vermelding op alle andere plaatsen zijn "Ohne Gewähr".

 

II. Viertallencompetities

 

Artikel 9 Primaat van de centrale wedstrijd

Uitgangspunt is dat de wedstrijden in het kader van de viertallencompetitie in principe centraal gespeeld worden. Het is echter toegestaan om, na toestemming van de DKL, wedstrijden elders of vooruit te spelen. Dit geldt echter niet voor de laatste wedstrijd. Ingeval men van deze mogelijkheid gebruik wil maken dient men dit vóóraf aan de DKL,te melden. Achteraf spelen is in principe niet toegestaan en aan straf onderhevig.

 

Artikel 10 Aantal handen per wedstrijd en speeltijden

In alle klassen worden per wedstrijd 28 spellen gespeeld. Per halve wedstrijd is 1 uur en 45 minuten beschikbaar, tussen beide helften mag een kwartier pauze worden ingelast. Waarschuw de WL als u van mening bent dat uw tegenstanders te langzaam spelen. De artikelen 20 & 23 WR zijn hier van toepassing.

 

Artikel 11 Inrichting van de wedstrijd

Het "thuis" spelende team (als eerste in de competitieschema's vermeld) draagt zorg voor:

 

  • viertallenbriefjes en onderleggers om deze briefjes makkelijk te kunnen beschrijven.

 

Het district draagt in een centrale speelzaal zorg voor wedstrijdleiding, gedupliceerde spellen, biedboxen en tafelbladen waarop windrichting en tafelnummer zijn vermeld. Bij vooruitspelen maken beide teams daar afspraken over. Zonder afspraken over wedstrijdleiding geldt art. 27.2 CR. Aan het einde van een wedstrijd in een centrale speelzaal zijn de spelers verplicht, na het laatste spel, het materiaal op een door de WL aan te wijzen plaats te verzamelen.

 

Artikel 12 Gegevens viertallencompetitie

Voorafgaand aan de eerste wedstrijd wordt aan iedere aanvoerder gegevens omtrent de viertallencompetitie verstrekt. Deze omvatten in ieder geval:

  • een verwijzing naar het reglement voor districtswedstrijden op de website;
  • het competitieschema;
  • regeling promotie en degradatie;
  • namenlijst deelnemende teams en spelers captains. De verdere opstelling van de teams staat op de site van het district.

 

Artikel 13 Uitslagformulieren

Bij decentrale wedstrijden moet de captain van de ontvangende vereniging na afloop van de wedstrijd het ingevulde en ondertekende uitslagformulier direct aan de DKL zenden. Het formulier moet binnen 4 dagen door de DKL zijn ontvangen. Het is toegestaan om het formulier in te scannen en per email aan de DKL te zenden.

 

Bij centrale wedstrijden zijn de in de bridgemates ingevoerde resultaten bepalend voor de uitslag en is het niet nodig om een uitslagformulier in te vullen.

 

Artikel 14: Vervallen

Artikel 15: Vervallen

 

Artikel 16 Gelijk eindigen

Indien 2 of meer teams eindigen met een gelijk aantal winstpunten en een onderlinge rangorde is nodig, dan wordt een beslissingswedstrijd gespeeld.

 

Artikel 17 Clubwisseling

Goedkeuring wordt automatisch verleend aan spelers die het vorige seizoen voor een andere vereniging uitkwamen als zij op het “inschrijvingsformulier” worden vermeld van de vereniging waarvoor zij in dit seizoen gaan spelen (vgl. art. 24 CR).

 

Artikel 18 Telefoonnummers/e-mail

De eerste speler van elk team in de namenlijst is dat van de aanvoerder van dat team. Bij de aanvoerder wordt zijn/haar telefoonnummer en email adres vermeld.

 

III. Parencompetities

Artikel 19 Aantal handen per wedstrijd en speeltempo

In de open parencompetitie bedraagt het aantal spellen tenminste 110 (3 dagen van circa 40 spellen), in de dames- en gemengde paren 100 (4 zittingen van circa 28 spellen).  

 

Per spel is 7.5 minuut beschikbaar verder geldt art. 16 WR. Waarschuw de WL als u van mening bent dat uw tegenstanders te langzaam spelen.

 

Artikel 20 Spelmateriaal

Het district draagt zorg voor het spelmateriaal, inclusief bridgemates, biedboxen en tafelbladen.

Aan het einde van een zitting zijn de spelers verplicht na de laatste ronde het materiaal op een door de WL aan te wijzen plaats te verzamelen.

 

Artikel 21: Vervallen

 

Artikel 22 Promotie/degradatie en vervolgwedstrijden

 

Promotie- en degradatieregeling en afvaardiging naar landelijke vervolgwedstrijden wordt op de indelingsformulieren aangegeven. Als landelijke vervolgwedstrijden worden georganiseerd wordt de afvaardiging bepaald door het aantal deelnemende paren aan de districtscompetitie van het voorgaande jaar. volgens de richtlijnen van de WEKO.

 

 

IV. Protesten in districtswedstrijden

Artikel 23 Indiening van een protest

Een protest wordt ingediend door middel van het daarvoor bestemde protestformulier conform art. 92 SR. en art. 6 Protest reglement NBB. Het protest is uitsluitend ontvankelijk indien het protestgeld ad € 15,- is voldaan. In beginsel zal de plaatselijk aanwezige competitieleider (dit is degene die ter plaatse de organisatorische administratieve taken verricht) het protest in ontvangst nemen en doorzenden. Indien deze niet beschikbaar is, zal de dienstdoende wedstrijdleider hiervoor zorgdragen.

 

Bij eendaagse wedstrijden is de beslissing van de hoofdarbiter bindend en is geen protest mogelijk.

 

Artikel 24 Behandeling van een protest

Een door het bestuur aan te wijzen protestcommissie (PCD) beoordeelt het protest en deelt binnen een periode van drie weken de uitspraak mee aan de wedstrijdsecretaris van het district. Deze deelt de uitspraak mee aan: de betrokken dienstdoende arbiter, de penningmeester (indien nodig). Indien de protestcommissie niet tot een éénduidige of éénsluidende uitspraak komt, is de voorzitter van de PCD bevoegd om zich voor advies tot derden te wenden.

 

 

IVa. Behandeling in beroep van protesten in clubwedstrijden

Artikel 25 Indiening van een clubprotest

Een protest wordt ingediend door middel van het daarvoor bestemde protestformulier conform art. 92 SR. en art. 6 Protest reglement NBB. Het protest is uitsluitend ontvankelijk indien het protestgeld ad € 25,- is voldaan.

Daarnaast gelden voor indiening van een clubprotest de volgende voorwaarden:

- het protest is eerst intern op de club behandeld (PC, clubbestuur, 2nd opinion e.d.);

- de bevoegdheid van de PCD als beroepsinstantie moet expliciet en verifieerbaar blijken uit de reglementen van de betreffende vereniging (publicatie op de website!).

 

Artikel 25a Behandeling van een clubprotest

Een door het bestuur aan te wijzen protestcommissie (PCD) beoordeelt het protest en deelt binnen een periode van drie weken, nadat het protestgeld is ontvangen, de uitspraak mee aan de secretaris van de betrokken club en indien nodig aan de penningmeester van het district. Indien de protestcommissie niet tot een éénduidige of éénsluidende uitspraak komt, is de voorzitter van de PCD bevoegd om zich voor advies tot derden te wenden.

 

V. Strafbepalingen

Artikel 26 Uitgangspunt

Tenzij anders vermeld zijn de in de gangbare NBB reglementen genoemde straffen van overeenkomstige toepassing. Echter de in die reglementen genoemde strafmaat wordt in het district als maximumstraf aangemerkt.

 

Artikel 27 Discretionaire bevoegdheid

De DKL of het DB in samenspraak met de DKL kan, indien daartoe bijzondere aanleiding bestaat, straffen achterwege laten.

 

Artikel 28 Wijze van strafoplegging

Strafoplegging kan mondeling of schriftelijk geschieden (constitutief). Ingeval de strafoplegging mondeling geschiedt wordt deze schriftelijk bevestigd (declaratoir).

 

Artikel 29 Niet tijdig spelen van een viertallenwedstrijd

Indien een viertallenwedstrijd niet tijdig wordt gespeeld wordt aan het team dat hiervoor verantwoordelijk is of wordt gehouden, behoudens eventuele strafverzwarende omstandigheden, een straf opgelegd van 2 winstpunten. Als strafverzwarende omstandigheid wordt in ieder geval beschouwd het niet tijdig informeren van de tegenpartij en/of de competitieleider.

 

Artikel 30 Terugtrekking inschrijvingen

Op terugtrekking van inschrijvingen voor districtswedstrijden voordat de inschrijftermijn is gesloten staat geen sanctie. Bij terugtrekking na sluiting van de inschrijftermijn maar voordat de indelingen verzendklaar zijn blijft men het inschrijfgeld verschuldigd. Op terugtrekking nadat de indelingen verzendklaar zijn, zijn de normale regels van toepassing.

 

Artikel 31 Beroep

Ingeval van strafoplegging als bedoeld in deze paragraaf (V) kan men zich desgewenst wenden tot de Commissie van Beroep van de NBB.