Statuten

STATUTEN 'PELIKAANHOF ALL STARS'

aangenomen op de algemene vergadering van 9 oktober 2006


Naam en zetel
 
Art. 1.
  • De vereniging draagt de naam 'Pelikaanhof All Stars', afgekort 'P.A.S.'. Zij heeft haar zetel in de gemeente Leiden.

Doel
 
Art. 2.
  1. De vereniging heeft ten doel het beoefenen van de bridgesport te bevorderen.
  2. Zij tracht dit doel te bereiken door:

    1. het organiseren van bridgewedstrijden op de vereniging zelf;
    2. het deelnemen aan door de Nederlandse Bridge Bond georganiseerde bridgecompetitiewedstrijden;
    3. het organiseren van bridgecursussen.

Duur
 
Art. 3.
  1. De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.
  2. Het verenigingsjaar loopt van 1 september tot en met 31 augustus van het daaropvolgende jaar.

Lidmaatschap
 
Art. 4.
  1. De vereniging kent gewone leden, ereleden en begunstigers. Waar in deze statuten wordt gesproken van lid of leden worden daaronder verstaan zowel de gewone leden als de ereleden tenzij het tegendeel blijkt.
  2. Gewone leden zijn zij, die als zodanig zijn toegelaten overeenkomstig het in artikel 5 bepaalde.
  3. Ereleden zijn zij, die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging of in het kader van de doelstelling van de vereniging, door de algemene vergadering daartoe zijn benoemd.
  4. Begunstigers zijn zij, die zich jegens de vereniging verbinden tot het storten van een jaarlijkse contributie waarvan het bedrag ten minste een derde van de contributie van de gewone leden bedraagt.
 
Art. 5.
  1. Als gewoon lid kan men worden toegelaten nadat men schriftelijk of mondeling een verzoek dienaangaande bij het bestuur heeft ingediend. Het bestuur beslist over de toelating. Bij niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  2. Ereleden worden op voorstel van het bestuur door de algemene vergadering benoemd.
  3. Begunstiger kan men worden door schriftelijke aanmelding bij het bestuur. In de aanmelding moet het bedrag van de jaarlijkse contributie worden medegedeeld. Het bestuur beslist over de toelating.
  4. Het lidmaatschap is persoonlijk en mitsdien niet overdraagbaar noch vatbaar om door erfopvolging te worden verkregen.
 
Art. 6.
  • Het bestuur is bevoegd een lid te schorsen voor de periode van ten hoogste een maand, ingeval het lid bij herhaling in strijd handelt met zijn lidmaatschapsverplichtingen of door handelingen of gedragingen het belang van de vereniging in ernstige mate heeft geschaad. Gedurende de periode dat een lid is geschorst, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend.
 
Art. 7.
  1. Het lidmaatschap eindigt:

    1. door het overlijden van het lid. Is een rechtspersoon lid van de vereniging, dan eindigt haar lidmaatschap wanneer zij ophoudt te bestaan;
    2. door opzegging door het lid;
    3. door opzegging namens de vereniging;
    4. door ontzetting.
  2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving, welke vóór de eerste augustus in het bezit van de secretaris moet zijn. Deze is verplicht de ontvangst binnen acht dagen schriftelijk te bevestigen. Indien een opzegging niet tijdig heeft plaats gehad, loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende verenigingsjaar, tenzij het bestuur anders besluit of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
  3. Opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging kan tegen het einde van het lopende verenigingsjaar geschieden door het bestuur met inachtneming van een opzeggingstermijn van ten minste vier weken, wanneer het lid, na daartoe bij herhaling schriftelijk te zijn aangemaand, op de eerste augustus niet ten volle aan zijn geldelijke verplichtingen jegens de vereniging heeft voldaan alsmede wanneer het lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten welke te eniger tijd door de statuten voor het lidmaatschap gesteld mochten worden. De opzegging door het bestuur kan onmiddelijke beëindiging van het lidmaatschap tot gevolg hebben, wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. De opzegging geschiedt steeds schriftelijk met opgave van de reden(en).
  4. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. De ontzetting geschiedt door het bestuur, dat het betrokken lid ten spoedigste van het besluit, met opgave van reden(en), in kennis stelt. De betrokkene is bevoegd binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene vergadering. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
  5. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar, ongeacht de reden of oorzaak, eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel door het lid verschuldigd, tenzij het bestuur anders besluit.
  6. In afwijking van het bepaalde in de eerste volzin van artikel 36 lid 3 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek kan een lid zich door opzegging van zijn lidmaatschap niet onttrekken aan een besluit krachtens hetwelk de verplichtingen van geldelijke aard van de leden worden verzwaard, behoudens uiteraard het in lid 2 van dit artikel bepaalde.

Geldmiddelen
 
Art. 8.
  1. De geldmiddelen der vereniging bestaan uit de contributies van de gewone leden en de begunstigers, uit eventuele verkrijgingen ingevolge erfstellingen, legaten en schenkingen en ten slotte uit eventuele andere toevallige baten.
  2. Ieder gewoon lid betaalt een contributie, waarvan het bedrag jaarlijks door de algemene vergadering tijdens de jaarvergadering wordt vastgesteld.

Bestuur
 
Art. 9.
  1. Het bestuur bestaat uit ten minste vijf personen. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering met dien verstande dat het aantal bestuurders altijd oneven is.
  2. De bestuurders worden door de algemene vergadering uit de leden der vereniging benoemd, met dien verstande dat de voorzitter door de algemene vergadering kan worden benoemd buiten de leden. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. De voorzitter wordt steeds als zodanig door de algemene vergadering benoemd.
  3. De algemene vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan indien zij daartoe termen aanwezig acht.
  4. De bestuurders zijn bevoegd te allen tijde zelf hun ontslag te nemen, mits dit schriftelijk geschiedt met een opzeggingstermijn van ten minste één maand.
  5. Jaarlijks treedt een bestuurslid af volgens een door het bestuur op te maken rooster. De aftredende is terstond herkiesbaar.
 
Art. 10.
  1. Het bestuur is belast met het besturen der vereniging. Alle bestuurders gezamenlijk alsmede de voorzitter en de secretaris gezamenlijk zijn bevoegd de vereniging in en buiten rechte te vertegenwoordigen. De bestuursleden kunnen zich daarbij door een schriftelijke gemachtigde doen vertegenwoordigen.
  2. Voor het beschikken over bank- en girosaldi is de handtekening van de penningmeester voldoende.
  3. Voor het aangaan van geldleningen, alsmede voor het kopen, vervreemden, bezwaren, voor overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot een zekerheidsstelling voor de schuld van een derde verbindt, behoeft het bestuur de goedkeuring van de algemene vergadering.

Algemene vergaderingen
 
Art. 11.
  1. Binnen zes maanden na afloop van elk boekjaar wordt een algemene vergadering (jaarvergadering) gehouden. Het bestuur brengt in deze vergadering zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van de nodige bescheiden, rekening en verantwoording van zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd bestuur.
  2. De algemene vergadering benoemt jaarlijks, doch uiterlijk 30 dagen voor de jaarvergadering, een commissie van ten minste twee leden, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur, tot onderzoek van de rekening en verantwoording over het lopende casu quo laatstverstreken boekjaar. De commissie brengt ter jaarvergadering verslag uit van haar bevindingen. Vereist het onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis dan kan de commissie zich door een deskundige doen bijstaan.
  3. Het bestuur is verplicht aan deze commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden der vereniging te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
  4. Goedkeuring door de algemene vergadering van het jaarverslag en de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot decharge.
  5. Indien de goedkeuring van de rekening en verantwoording wordt geweigerd, benoemt de algemene vergadering een andere commissie bestaande uit ten minste drie leden, welke een nieuw onderzoek doet van de rekening en verantwoording. Deze commissie heeft dezelfde bevoegdheden als de eerder benoemde commissie. Binnen een maand na de benoeming brengt zij aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen. Wordt ook dan de goedkeuring geweigerd, dan neemt de algemene vergadering al die maatregelen welke door haar in het belang van de vereniging geacht worden.
 
Art. 12.
  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van acht dagen. De bijeenroeping geschiedt door mondelinge of schriftelijke mededeling aan alle leden.
  2. Behalve de in artikel 11 bedoelde jaarvergadering zullen algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur zulks wenselijk acht, alsmede zo dikwijls zulks schriftelijk met opgave van de te behandelen onderwerpen wordt verzocht door ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een tiende gedeelte der stemmen in de algemene vergadering, indien daarin alle leden tegenwoordig of vertegenwoordigd zijn.
  3. Na ontvangst van een verzoek als in lid 2 bedoeld is het bestuur verplicht tot bijeenroeping ener algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek tot bijeenroeping binnen veertien dagen nadat dit door het bestuur werd ontvangen, geen gevolg wordt gegeven, zullen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping kunnen overgaan op de wijze waarop het bestuur de algemene vergadering bijeenroept.
 
Art. 13.
  1. Alle leden - zie artikel 4 lid 1 - hebben toegang tot de algemene vergadering en hebben daar ieder één stem. Ieder lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid.
  2. Een lid heeft geen stemrecht over zaken, die het lid zelf, zijn echtgenoot c.q. duurzaam samenwonende partner of zijn bloed- of aanverwanten in de rechte lijn betreffen.
  3. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering. Een dergelijk besluit wordt door de secretaris aangetekend in het notulenboek, terwijl er melding van wordt gemaakt tijdens de eerstvolgende vergadering.
  4. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk. Het aannemen van voorstellen bij acclamatie is mogelijk, mits dit geschiedt op voorstel van de voorzitter.
  5. Over alle voorstellen wordt beslist bij volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen, voorzover de statuten niet anders bepalen. Bij staking van stemming wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Bij stemming over personen is degene gekozen, die de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen wordt een tweede stemming gehouden tussen de twee personen, die het grootste aantal der uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is degene gekozen, die bij die tweede stemming de meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij die tweede stemming de stemmen staken beslist het lot. Onder stemmen worden in dit artikel verstaan geldig uitgebrachte stemmen, zodat niet in aanmerking komen blanco en met de naam van het stemmend lid ondertekende stemmen.
  6. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel dat een besluit is genomen, is beslissend. Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid ervan wordt betwist, vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt.
 
Art. 14.
  1. De voorzitter van het bestuur leidt de vergaderingen. Bij afwezigheid of ontstentenis van de voorzitter zal een der andere bestuursleden als leider der vergadering optreden.
  2. Van het ter algemene vergadering behandelde worden door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen lid der vereniging notulen gehouden.

Statutenwijziging
 
Art. 15.
  1. Wijziging van de statuten kan slechts plaats hebben na een besluit van de algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat daarin wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet ten minste veertien dagen bedragen.
  2. Zij, die de oproep tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen vóór de dag der vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgestelde wijziging(en) woordelijk is (zijn) opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering werd gehouden.
  3. Tot wijziging van de statuten kan slechts worden besloten door een algemene vergadering met een meerderheid van ten minste twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen.
 
Art. 16.
  • Het in artikel 15 bepaalde is niet van toepassing indien ter algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.
 
Art. 17.
  • Indien de vereniging staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken zijn de bestuurders verplicht een afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neder te leggen ten kantore van de Kamer van Koophandel en Fabrieken binnen welker gebied de vereniging haar woonplaats (zetel) heeft.
 
Art. 18.
  • Een bepaling dezer statuten, welke de bevoegdheid tot wijziging van een of meer andere bepalingen beperkt, kan slechts worden gewijzigd met inachtneming van gelijke beperking.

Ontbinding en vereffening
 
Art. 19.
  1. Behoudens het bepaalde in artikel 50 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt de vereniging ontbonden door een besluit daartoe van de algemene vergadering genomen met ten minste twee derden van het aantal geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste drie vierden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
  2. Bij gebreke van het quorum kan ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden tot ontbinding worden besloten op een volgende, ten minste vijftien dagen doch uiterlijk dertig dagen na de eerste, te houden vergadering, met een meerderheid van twee derden van het aantal geldig uitgebrachte stemmen.
  3. Bij de oproeping tot de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde vergaderingen moet worden medegedeeld dat ter vergadering zal worden voorgesteld de vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot zodanige vergaderingen moet ten minste veertien dagen bedragen.
  4. Indien bij een besluit tot ontbinding te dien aanzien geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het bestuur.
  5. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel der vereniging overeenstemmen.
  6. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden 'in liquidatie'.

Huishoudelijk reglement
 
Art. 20.
  1. De algemene vergadering kan bij huishoudelijk reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de introductie, het bedrag der contributies, de werkzaamheden van het bestuur, de vergaderingen, de wijze van uitoefening van het stemrecht, het beheer en gebruik van het gebouw der vereniging en alle verdere onderwerpen, waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
  2. Wijziging van het huishoudelijk reglement kan slechts geschieden bij besluit van de algemene vergadering en op voorstel van het bestuur of indien dit schriftelijk wordt verzocht door ten minste een derde gedeelte van de leden der vereniging.
  3. Het huishoudelijk reglement zal geen bepalingen mogen bevatten die afwijken van of die in strijd zijn met de bepalingen van de wet of van de statuten, tenzij de afwijking door de wet of de statuten wordt toegestaan.

Andere Commissies
 
Art. 21.
  1. Het bestuur kan andere commissies instellen dan de commissies bedoeld in artikel 11 van de statuten, formuleert de doelstelling en bevoegdheden van zulke commissies, bepaalt het aantal leden daarvan en benoemt en ontslaat de leden. Gelijke bevoegdheid komt de algemene vergadering toe.
  2. De zittingsduur van de leden, benoemd in de door het bestuur of de algemene vergadering ingestelde commissies als bedoeld in lid 1 van dit artikel, bedraagt ten hoogste drie jaar. Herbenoeming van een commissielid is altijd mogelijk.