clubreglement november 2017

Download reglement:

 cc

Wedstrijd- en competitiereglement Doublet

 

In dit reglement vindt U de regels voor het spelen van onze bridgewedstrijden en een aantal

aanvullende zaken, waarop de Technische Commissie (TC) van “Doublet” uw aandacht op wil vestigen.

 

1. Algemeen

Dit reglement is, naast de spelregels van de NBB editie 2017 van toepassing op alle door de

bridgeclub “Doublet” georganiseerde wedstrijden.

 

2. Speelprogramma

Aan het begin van het seizoen wordt door de TC het volledige speelprogramma opgesteld. In

overleg tussen de TC en het bestuur kan van het speelprogramma worden afgeweken.

– Het speelseizoen loopt van begin september tot eind juni.

– Per seizoen worden 5 competitieronden (clubcompetitie) gespeeld, ieder bestaande uit 5

competitiezittingen.

– Er wordt daarbij gespeeld op drie niveaus: A, B en C.

– Tussendoor loopt er een aparte competitie: “Paren Speciaal” van 5 avonden, waarbij de

paren uit verschillende lijnen tegen elkaar spelen met gedupliceerde spellen.

– De competitiezittingen worden afgewisseld met speciale avonden, zoals Kerstdrive en

Paasdrive.

– Vanaf eind mei t/m/ juni wordt de zomercompetitie gespeeld. Dit is een individuele

competitie. Aan de zomercompetitie kunnen ook niet-leden deelnemen.

– In de maanden juli en augustus zijn er geen speelavonden.

 

3. Kampioenschappen

De vereniging kent de volgende kampioenschappen:

 

– Clubkampioen: Het paar dat samen gedurende het afgelopen seizoen de

meeste meesterpunten tijdens de clubavonden heeft verdiend.

– Slemkampioen: het paar dat gedurende de clubavonden (alle rondes)

volgens de regels van het gebruikte spelsysteem, de eerste plaats in het bieden en maken

van klein- en grootslems hebben behaald.

– Kampioen “Paren Speciaal”: Het paar dat als hoogste eindigt in de competitie

“paren speciaal”.

– Daarnaast zijn er op de speciale avonden prijzen te behalen.

 

4. Indeling van de paren

De indeling van paren in de verschillende lijnen geschiedt aan het begin van het seizoen door de TC op grond van de uitslag van de laatste competitieronde van het vorige seizoen.

– Bij het vormen van een nieuw paar bestaande uit leden binnen de club wordt dit paar aan

het begin van een nieuwe competitieronde ingedeeld in de laagste groep waarin een lid van dit paar het laatst heeft gespeeld.

– Een nieuw paar, bestaande uit ten minste één nieuw lid, begint in de laagste groep. Als

echter de speelsterkte bekend is, en de “rechten” van de andere leden niet geschaad worden, dan is het mogelijk het nieuwe paar in een hogere groep in te delen. Dit ter beoordeling van de TC.

 

 

 

 

 

 

5. Clubavonden

De clubavonden beginnen op maandag om 19.30 uur. Men dient om uiterlijk 19.20 uur

aanwezig te zijn om op tijd te kunnen beginnen.

– Er worden 6 ronden van 4 spellen gespeeld.

– Voor een ronde is 30 minuten beschikbaar, waarna 2 minuten gerekend wordt voor het

wisselen van tafel.

– Er wordt gebruik gemaakt van een klok, die een tijdsein geeft aan het begin en einde van

een ronde. Tevens wordt er 5 minuten voor het einde van een ronde een signaal gegeven, waarna men geen nieuw spel meer mag beginnen.

– Is men bij het klinken van het tijdsein “einde ronde” nog niet klaar met het spel, dan

moeten de kaarten teruggestoken worden in het board. Daarna moet één van de paarnummers op de bridgemate ingevoerd worden en vervolgens bij de score: “0”, de respons is dan:”NG” (niet gespeeld).

 

6. Verhindering en afmelding

Voor een verhindering en afmelding gelden de volgende regels:

– Is men verhinderd op een bepaalde datum te spelen, dan wordt men verzocht dit zo tijdig

mogelijk te melden, bij voorkeur op een eerdere speelavond in het daarvoor bestemde schrift of via een mail aan doublet10@outlook.com

In spoedgeval kan men een lid van de TC bellen.

 

– De partner kan aangeven of hij/zij voor die datum een partner zoekt. Ook kunnen twee

alleenstaande spelers zelf besluiten met elkaar een combinatie te vormen.

– de wedstrijdleiders proberen uit de overblijvende spelers combinatieparen te vormen op basis van vrijwilligheid.

– Bestaat een combinatiepaar uit leden die in verschillende groepen spelen, dan wordt die

avond gespeeld in de hoogste groep waarin één van de leden normaal speelt.

– Is er geen geschikt paar te vormen, dan kan een paar gevormd worden met een invaller van buiten de club.

 

7. Scorebepaling

 

Clubcompetitie

Voor het spelen in een combinatiepaar, een hogere lijn en voor de compensatie bij afwezigheid gelden de volgende regels:

– De paren spelen normaal in de eigen lijn; om te voorkomen dat er twee stilzittafels

ontstaan, kan gespeeld worden aan een “combinatietafel”

– Een paar kan door de TC ook ingedeeld worden in een hogere lijn. Dit zal in het algemeen

het paar zijn dat het hoogste staat in de eigen lijn. Het betreffende paar krijgt dan voor de

competitieberekening een bonus van 10% (relatief) op de behaalde score.

– Beide spelers van een combinatiepaar, samengesteld uit spelers van verschillende lijnen,

spelend in de hoogste lijn van een van de spelers krijgen voor de competitieberekening een

bonus van 5% (relatief) van de behaalde score.

– Heeft een paar tijdens een competitieronde reeds in een hogere lijn gespeeld, dan wordt het paar dat op de 2e plaats staat in de hogere lijn ingedeeld.

– Bij afwezigheid van beide spelers van een paar gedurende een zitting van competitieronde,

krijgt men de eerste keer het eigen gemiddelde met een maximum van 50%, de 2e keer is het

maximum 47,5%. Na drie keer verzuimen volgt degradatie.

– Speelt men met een andere dan de eigen partner, dan kan men voor aanvang van de zitting aangeven dat men voor “het eigen gemiddelde” speelt. Hierbij krijgt men de eerste keer het eigen gemiddelde over de andere zittingen met een maximum van 50%, de tweede keer een maximum van 47,5 %

– Speelt men met een invaller van buiten de club (en niet voor het “eigen gemiddelde “) dan

is de behaalde score voor de competitie gelimiteerd: max. 55% en min. 45%

 

 

Buiten mededinging.

Als men voorziet dat men als paar in een competitieronde minder dan 3x aanwezig kan zijn,

kan dat paar voor de aanvang van de ronde aangeven dat men “buiten mededinging” speelt. Dit kan slechts 1x per seizoen. In dat geval behoudt men de plaats in de laatst gespeelde groep. Mocht het paar toch drie of meer keren spelen in de betreffende ronde, dan vervalt de “buiten mededinging“.

Indien men door ziekte tijdens een competitieronde minder dan 3x kan spelen, beslist de TC of de plaats in de lijn eventueel behouden kan blijven.

Ingeval een uitzonderlijk aantal paren buiten mededinging wil spelen in een ronde, dan heeft dat gevolgen voor de overige paren in die lijn. De TC kan dan beslissen dat het aantal promoverende en degraderende paren wijzigt.

 

Paren Speciaal

De uitslag wordt “topintegraal” berekend.

De paren uit de A, B, en C groep spelen de eerste keer gemengd.

De volgende avonden worden de paren ingedeeld afhankelijk van de resultaten, behaald op de vorige avonden.

 

8. Promotie/degradatie

Aan het eind van een clubcompetitieronde volgt, afhankelijk van de resultaten

promotie/degradatie. De resultaten worden berekend als “gewogen” gemiddelde van de

afzonderlijke zittingen van die ronde. “Gewogen” betekent, dat als men in een zitting

minder spellen speelt, deze zitting minder zwaar meetelt in de berekening.

– In principe promoveren er 3 paren van de B- en C-lijn en degraderen er 3 paren uit de A- en B-lijn.

– Indien dit voor een evenwichtige verdeling van de lijnen nodig is, kan de TC van deze

regel afwijken.

– Om voor promotie in aanmerking te komen moet men gedurende de competitieronde ten

minste 3x met de eigen partner gespeeld hebben.

 

9. Biedregels

– Bij het bieden wordt gebruik gemaakt van biddingboxen. Hierbij gelden de volgende regels:

Om te voorkomen dat een spel begonnen wordt met een onjuist aantal kaarten in een hand,

is men verplicht de kaarten te tellen voordat het spel begint.

– De speler die aan de beurt is om te bieden legt zijn biedkaarten voor zich op tafel met de

tekst naar het midden van de tafel. De biedkaarten worden van links naar rechts in een rij

geplaatst zo dat de vorige bieding zichtbaar blijft.

– Spelers behoren de biedkaarten pas aan te raken als ze besloten hebben welke bieding ze

gaan doen.

– Een bieding wordt geacht gedaan te zijn als de biedkaart(en) uit de biddingbox gehaald zijn

met de kennelijke bedoeling hiermee een bod te doen. Een speler moet zijn besluit nemen

voordat hij een biedkaart in de biddingbox aanraakt. Aarzelen tussen biedingen en het aanraken van de biedkaarten is in strijd met de spelregels en kan door de wedstrijdleiding worden bestraft.

– Alerteren moet gebeuren door de partner van de bieder, door middel van de alerteerkaart.

De speler die alerteert is ervoor verantwoordelijk dat de tegenspelers zijn alert opmerken. Zie

de bijlage voor de alerteerregels.

– Een speler dient d.m.v. de “stopkaart” te kennen te geven dat hij een sprongbod gaat doen.

De stop kaart wordt neergelegd, vervolgens wordt het bod gedaan. Na 5-10 sec. wordt de

stopkaart weggehaald. Pas hierna mag de linkertegenstander een bod doen.

 

10. Onregelmatigheden tijdens het bieden en spelen

Bij een onvoldoende bod of een bieding voor de beurt heeft de linkertegenstander van de

overtreder altijd de mogelijkheid de bieding te accepteren, waarna het bieden gewoon

verder gaat.

– Bij niet-accepteren moet de wedstrijdleider worden gewaarschuwd, die zal uitleggen

wat de verdere mogelijkheden zijn.

– Ook bij het uitkomen of het voorspelen uit de verkeerde hand en bij een verzaking

dient de wedstrijdleider te worden gewaarschuwd.

– Totdat zijn partner een bod doet mag een speler een onopzettelijke bieding (b.v. een

misgreep in de biddingbox) straffeloos vervangen door het juiste bod; echter alleen als dit

gebeurt zonder denkpauze. Heeft de linker tegenstander al een bieding gedaan, dan mag

deze zijn bieding straffeloos wijzigen.

– In alle andere gevallen van onregelmatigheden tijdens het bieden/spelen dient de

wedstrijd-leider aan tafel te worden gevraagd. Niet proberen de zaak onderling te

regelen.

 

11. Bridgemates

Bij het vastleggen van het spelresultaat wordt gebruikgemaakt van zogenaamde bridgemates.

Let op de volgende regels:

– Bij aanvang van een ronde dient men te controleren of de bridgemate het juiste

rondenummer en de juiste paarnamen en de bijbehorende richtingen N-Z resp. O-W

aangeeft en of men er aan voldoet..

– Scores worden door Noord ingevoerd en door Oost gecontroleerd. Zijn er, na acceptatie

van Oost, toch nog twijfels over de juistheid van de invoer, dan moet de wedstrijdleider

gewaarschuwd worden. Deze kan de ingevoerde score controleren en eventueel wissen.

– Is er rondgepast, dan dient één van de paarnummers (N-Z of O-W) ingevoerd te worden

en vervolgens: “pas”.

– Is een spel niet gespeeld, dan één van de paarnummers en richting invoeren en vervolgens

”nul”. De bridgemate geeft dan “NG” (niet gepeeld) aan. (Dus hier niet “pas” invoeren!)

– Als alle spellen van een ronde gepeeld zijn dient men net zo vaak op “ja” te drukken tot

“Einde ronde” verschijnt op de bridgemate.

– “Hameren” op de toetsen beperkt de levensduur van de bridgemates aanzienlijk, dus de

toetsen gewoon indrukken.

 

12. Informeren van de tegenspelers.

– Iedere speler is verplicht voor het begin van een ronde, ongevraagd duidelijke en

beknopte informatie van het biedsysteem te verstrekken. Voor de alle lijnen is hiertoe

een systeemkaart aanbevolen.

– Uitsluitend de partner van de bieder is, indien gevraagd door de tegenstander die aan de

beurt is, verplicht een en ander toe te lichten.

– Buiten de door de tegenspelers verstrekte gegevens mogen de spelers tijdens het bieden

en spelen geen aantekeningen of andere bescheiden raadplegen.

13. Klaarzetten /opbergen van het spelmateriaal

Aan de leden wordt gevraagd mee te werken met het klaarzetten en opruimen van het

spelmateriaal. Aan het begin van het seizoen wordt een rooster gemaakt. De voor die avond

aangewezen leden worden verzocht om 18.45 uur aanwezig te zijn. Bij verhindering gelieve

men zelf voor vervanging (“ruilen”) te zorgen en dit te vermelden op het rooster op het

mededelingenbord.

Een instructie voor het opruimen/klaarzetten van het spelmateriaal is aanwezig.

Aan het eind van de avond zorgen de spelers zelf dat het spelmateriaal bij het inzamelpunt

wordt ingeleverd. Doet u dat pas NADAT het signaal aan het einde van de laatste ronde

geklonken heeft. Zolang er nog gespeeld wordt is het zeer hinderlijk dat er door anderen al

opgeruimd wordt!

 

14 Gedragsregels

– Spelers dienen zich te allen tijde hoffelijk te gedragen tegenover hun partner, hun

tegenstanders en de wedstrijdleider.

– Het is niet toegestaan onnodige opmerkingen tijdens het bieden en spelen te maken.

– Een kaart dient pas uit de hand te worden genomen als men aan de beurt is om voor of

bij te spelen.

– De kaarten van de gespeelde slagen worden in volgorde op tafel neergelegd, en mogen

pas aan het eind van het spel worden opgenomen als alle spelers het eens zijn over het

aantal gemaakte slagen.

– Het is niet toegestaan om verbaal of non-verbaal informatie over te brengen welke in

strijd is met de wedstrijdregels.

 

Bijlagen:

 

I Alerteerregeling en Samenstelling

II Samenstelling technische commissie / afmeldadres

 

Bijlage I Alerteerregeling Nederlandse Bridge Bond per september 2009

 

Wat is alerteren?

Alerteren is een handeling om de tegenstanders attent te maken (alert te doen zijn) op

bijzondere biedafspraken.

Wie moet alerteren en hoe moet er gealerteerd worden?

De partner van de speler die een bieding doet die gealerteerd moet worden, alerteert door het

tonen van de alert-kaart uit de biddingbox. De speler die alerteert, is ervoor verantwoordelijk

dat zijn tegenstanders de alert opmerken.

 

Waarom moet u alerteren?

De spelregels verplichten elk paar om alle biedafspraken en -gewoonten aan de tegenstanders

uit te leggen. Dit zogenoemde principe van volledige uitleg (full disclosure) vormt de basis van

wedstrijdbridge. Alerteren is bedoeld om u daarbij te helpen. Alerteren is een aanvulling op

het gebruik van systeemkaarten en dient niet om het ont-breken van systeemkaarten op te

vangen. Het feit dat iets op de systeemkaart staat ontslaat spelers niet van de verplichting te

alerteren.

 

Welke biedingen moet u alerteren?

- U moet biedingen alerteren waarvan u kunt vermoeden dat de tegenpartij er zonder

waarschuwing een andere betekenis aan toekent. Dit is de hoofdregel.

– Biedingen die een kunstmatige (conventionele) betekenis hebben.

Dit geldt dus ook voor Jacoby en Stayman biedingen!

- Openingen van 1kl en 1ru indien deze niet ten minste een driekaart beloven.

- De 1SA-opening, als die minder dan 14 of meer dan 18 punten kan bevatten.

- Redoubletten, voorzover die niet duiden op kracht.

Biedafspraken en gewoonten die niet worden gealerteerd

- Een bod op vierniveau of hoger en alle daarop volgende biedingen, tenzij het kunstmatige

biedingen betreft gedaan in de eerste biedronde, gerekend vanaf het openingsbod.

- Doubletten, behalve wanneer de hiervoor genoemde hoofdregel van toepassing is.

 

Eigen verantwoordelijkheid van spelers

Spelers dragen zelf verantwoordelijkheid voor een goede communicatie aan tafel. Ze kunnen

zich bijvoorbeeld niet zonder meer beroepen op het ontbreken van een alert, of een nodeloos

alert als ze desondanks weten wat de bieding betekent of als een alert ontbreekt in een

biedsituatie waar een bijzondere of kunstmatige betekenis waarschijnlijk is. Spelers behoren

voor aanvang van elke ronde de tegenstanders te attenderen op bijzonderheden aangaande

hun biedafspraken en gewoonten.

 

Mogelijke gevolgen indien ten onrechte wel of niet is gealerteerd

Voor spelers vormt het uitblijven van een alert van de partner waar dat wel werd verwacht

ongeoorloofde informatie waar geen gebruik van mag worden gemaakt. Hetzelfde geldt voor

een alert van de partner waar dat niet werd verwacht. Niet alerteren waar dat wel had

gemoeten (en wel alerteren waar dat niet had gemoeten) is een overtreding van de spelregels.

Dat betekent niet automatisch dat er ook een arbitrale score moet worden toegekend. De

wedstrijdleider zal beoordelen of er nadeel is voor de niet-overtredende partij en of dat nadeel

ook een gevolg is van het ten onrechte wel of niet alerteren. Er is in het algemeen geen reden

om een (procedurele) straf te geven. Alleen wanneer een speler (bij voortduring) moedwillig of

uit verregaande slordigheid onjuist alerteert is een (procedurele) straf op zijn plaats, dit ter

beoordeling van de wedstrijdleider.

 

Verbieden van alerteren door de tegenpartij

De tegenpartij heeft voor aanvang van een spel het recht het alerteren te verbieden. Dit verbod

geldt dan voor de rest van de ronde. Een paar dat van dit recht gebruikt maakt wordt daardoor

niet zelf ontslagen van de plicht te alerteren.

 

Belangrijke voorbeelden

- Informatiedoubletten moeten niet gealerteerd worden, het DONT doublet (conventie na een

1SA opening) wel.

– Stayman, transfers, relaybiedingen en vraagbiedingen zijn allemaal kunstmatig en

moeten worden gealerteerd. De kunstmatige antwoorden hierop moeten eveneens

worden gealerteerd.

BIJLAGE II Technische Commissie

 

1.      Samenstelling Technische Commissie:

 

Voorzitter: Wiebe Riemersma tel. 06-41556916 (riemersma.oberman@kpnmail.nl)

Lid : Ben Cobussen tel. 06 4247 0657 ( b.cobussen@chello.nl )

 

2.      Afmelden voor de clubavond:

 

Bij voorkeur via een mail aan: doublet10@outlook.com

of in het absentieschrift naast de bar tijdens één van de voorafgaande clubavonden.