Wedstrijdreglement

Wedstrijdreglement Bridgeclub Belgisch Park

 

Artikel 1
1.1. Het bestuur benoemt de wedstrijdleider. Deze vertegenwoordigt op de speelavond het bestuur en is verantwoordelijk voor een goede gang van zaken.

 

Artikel 2
2.1. Dit reglement geldt voor de interne competitie van B.C. Belgisch Park.
2.2. In elk verenigingsjaar wordt door de leden in competitie gespeeld in groepen.
De speeldata van de verschillende series worden voor de aanvang van het seizoen vastgelegd in een wedstrijdkalender. Uitsluitend in bijzondere gevallen mag de wedstrijdleider afwijken van deze kalender.

 

Artikel 3
3.1. De leden zijn in principe verplicht een systeemkaart te gebruiken. Hierop dient vermeld te worden met welk systeem men speelt alsmede de conventies en de afwijkingen.
3.2. Er wordt gespeeld met behulp van bidding-boxes volgens de laatst geldende regels van de Nederlandse Bridge Bond.
3.3. De duur van een ronde wordt vastgesteld door de wedstrijdleider. Het einde van elke ronde en het begin van de volgende ronde wordt aangegeven met behulp van een klok. Tevens wordt 5 minuten voor het einde van een ronde een waarschuwingssignaal gegeven.
3.4. Indien het waarschuwingssignaal is gegeven mag men niet meer beginnen aan een  nieuw spel. Men heeft de mogelijkheid één spel na de laatste ronde na te spelen. Maakt men hiervan geen gebruik dan kan men het spel invoeren in de bridgemate als niet-gespeeld.
3.5. Noord is verantwoordelijk voor de juiste invoering van het contract en het behaalde resultaat in de bridgemate, oost is verantwoordelijk voor de controle hierop.
3.6. De alerteerregeling van de Nederlandse Bridge Bond is van toepassing.

 

Artikel 4
4.1. Bij afwezigheid van een paar wordt een score van 47% voor die zitting toegekend.
4.2. Een combipaar of een paar dat met een invaller van buitenaf speelt krijgt de behaalde score met een maximum van 53% en een minimum van 47%.
4.3.1. Wanneer een speler van een hogere groep met een speler van een lagere groep speelt in de hogere groep, wordt de score van dit combipaar verhoogd met 2%. Vervolgens gelden de onder- en bovengrenzen als vermeld in 4.2.
4.3.2. Wanneer een speler van een hogere groep met een speler van een lagere groep speelt in de lagere groep, wordt de score van dit combipaar verminderd met 2%. Vervolgens gelden de onder- en bovengrenzen als vermeld in 4.2.
4.3.3. Als een paar in een hogere groep uitkomt dan waarin het normaal speelt wordt het behaalde percentage met 5% verhoogd.
4.3.4. Als een paar uit een hogere groep in een lagere groep speelt zal de score met 5% worden verminderd.

 

Artikel 5
5.1. De paren die als 1 en 2 in hun groep zijn geëindigd promoveren. De paren die als laatste en voorlaatste zijn geëindigd, degraderen.
5.2. Indien een van de twee eerst geëindigde paren uit een groep om welke reden dan ook niet kan promoveren, dan besluit de wedstrijdleider samen met het bestuur of het derde paar promoveert.
5.3. Paren kunnen niet promoveren als zij minder dan de helft van het aantal zittingen van de serie gespeeld hebben.
5.4. Indien een paar door omstandigheden geruime tijd niet in de vaste samenstelling kan spelen zal de wedstrijdleider in overleg met de betrokken spelers een oplossing zoeken voor die periode.
5.5. Indien de wedstrijdleider het noodzakelijk acht meer of minder paren te laten promoveren/degraderen, dient dit in overleg met het bestuur vastgesteld te worden.
 
Artikel 6
6.1. Indien twee partners om welke reden dan ook niet meer samen wensen te spelen en zij:
a. een ander lid als partner kiezen, zal de laagst geklasseerde partner van de nieuwe paren plaatsbepalend zijn voor de indeling.
b. met een nieuw lid wensen te spelen dan beginnen zij in principe in de laagste groep.
6.2. Bij éénzijdige opzegging door één van de partners heeft het opgezegde lid het recht een nieuwe partner te kiezen met behoud van zijn plaats op de ranglijst
6.3. Opzegging van partners kan slechts geschieden aan het einde van een speelronde. In geval van calamiteiten beslist het bestuur.
 
Artikel 7
Het bieden van slems en berekening via het NBB-rekenprogramma.
7.1. Het bieden en maken van klein slem in één kleur wordt gehonoreerd met 1 wedstrijdpunt. Bij geboden en gemaakt klein slem in SA krijgt men 2 wedstrijdpunten.
Voor niet gemaakte kleine slems wordt 1 wedstrijdpunt afgetrokken.
7.2. Het bieden en maken van groot slem in één kleur wordt gehonoreerd met 2 wedstrijdpunten. Bij geboden en gemaakt groot slem in SA krijgt met 3 wedstrijdpunten.
Voor een niet gemaakt groot slem wordt 1 wedstrijdpunt afgetrokken.

 

Artikel 8
8.1. Bij een oneven aantal paren ontstaat een stilzittafel.
8.2. Bij een stilzittafel in twee lijnen kan de wedstrijdleider een combitafel instellen of kiezen voor het laten spelen van een paar in de andere, bij voorkeur, hogere lijn.
8.3. Indien een groep te weinig paren bevat om tot een goede uitslag te komen kan de wedstrijdleider besluiten om deze groep te combineren met een andere groep.
 
Artikel 9
9.1. De wedstrijdleiding kan strafpunten toewijzen voor inbreuken op de wedstrijdregels of voor het foutief invullen van de score.
9.2. Bij vermeende onjuistheden dient men onmiddellijk om arbitrage te vragen. Indien dit wordt verzuimd verliest men alle rechten.
 
Artikel 10
In alle gevallen waarin dit wedstrijdreglement niet voorziet, beslist de wedstrijdleider dan wel het bestuur eventueel in overleg met de wedstrijdleider.

 

Vastgesteld in de ALV van 2 maart 2017.