Ontstaan Bridgeclub Belgisch Park

Tijdens de Tweede Wereldoorlog (1940 -1945) veranderde Scheveningen in een vesting.

De oorspronkelijke bewoners moesten hun huizen verlaten en er werd ruimte gemaakt om antitankinstallaties, een tankgracht, prikkeldraadversperringen en mijnenvelden aan te leggen.

 

Na 5 mei 1945 keerden diegenen die nog een woning hadden terug naar Scheveningen.

Hierbij waren ook veel joden die ondergedoken hadden gezeten.

Men had behoefte aan contact en zocht elkaar op. In korte tijd werd een toneelclub, een klaverjasclub en een biljartclub opgericht. Ook werd plaats gemaakt voor een paar tafeltjes waaraan men kon bridgen.

De locatie waar dit plaatsvond is helaas onbekend.

 

Bij aanvang begon men met “robberbridge”. Men nam eigen kaarten en scoreblocs mee. Het bieden ging volgens het Culbertson systeem en enkele andere nu niet meer in zwang zijnde systemen.

Men speelde “Weens”, “Goudsmit” of “voorbereidende klaver”.

 

Om na 6 ronden een prijsje uit te kunnen reiken besloot men tafelgeld te vragen.

De 1e prijs bestond uit een fles Bokma. Toentertijd kostte dit fl 7,50.

Eén van de leden was banketbakker. Soms werd bij hem een taart gekocht. Ook werd wel bij een slager een stuk vlees zonder bon (kort na de oorlog een bijzonderheid!) gekocht.

 

Bridgers en biljarters zaten elkaar al gauw in de weg en toen het paviljoen in het Westbroekpark was ontruimd gingen de bridgers naar deze locatie.

De consumpties waren bedroevend. Koffie van geroosterde tuinbonen, bier zag er slechts uit als bier.

Een attractie was om 10:00 uur een hard gekookt ei (zonder bon).

 

Op 1 november 1945 werd Bridgeclub Belgisch Park officieel opgericht.

De initiatiefnemers waren de heer Henkes, mevrouw Weezenbeek en de heer Colignon.

Geleidelijk werd het bridge volgens het acol systeem ingevoerd.

Met het lidmaatschap van mevrouw Lijnkamp-van Schendel, een gediplomeerde wedstrijdleider, kon de club zich verder ontplooien.

 

Men speelde o.a. in de Haagsche dierentuin, waar nu het provinciehuis aan het Zuid-Hollandplein 1 staat.

Ook heeft men gespeeld in de Flat “Duinwijck” aan de Van Alkemadelaan 350.

Daar ging het nog ouderwets deftig aan toe.

Men hoefde niet zelf de jas op te hangen maar deze werd aangenomen bij de garderobe en bij vertrek hielp men je weer in de jas.

Drie keer per avond kwam een ober langs om de bestellingen op te nemen en rond te brengen.

In plaats van de groene bridgekleedjes van tegenwoordig, lagen op de tafels echte perzen.

 

De club had een ballotage commissie en de drempel om lid te kunnen worden lag hoog.

Het ledenbestand bestond hoofdzakelijk uit leden van Joodse afkomst en/of zakenlui.

De doelstelling van de club was net zoals tegenwoordig “gezelligheid”.

Met ingang van 1 januari 1960 is de club aangemeld bij de Nederlandse Bridge Bond.

 

In 1960 kreeg Duinwijck een nieuwe eigenaar en de huurprijs werd te hoog voor de club. Men vond een ander onderkomen medio 1960 in Boschlust aan de Bezuidenhoutseweg, waar nu complex Nieuw Babylon is gesitueerd, een gebouw van de Israëlische gemeenschap.

Daarna heeft de club vele jaren in de Ichtuskerk in de Duinkerksestraat 11 gespeeld.

 

 

 

In 2007 heeft de club bridgemates aan kunnen schaffen.

Deze dure aanschaf is mogelijk gemaakt door een lid van de club. Zij was in destijds voorzitter van het stimuleringsfonds van de Rabobank en dankzij haar voorspraak heeft de club de bridgemates in haar bezit gekregen.

 

Vanaf januari 2015 speelt Bridgeclub Belgisch Park in het Grand Café van Verzorgingshuis “De Eshoeve” tevens Buurthuis van de Toekomst aan de Doorniksestraat 150