Wedstrijdreglement

Algemene bepalingen.

 

Artikel 1: Alle door de vereniging georganiseerde wedstrijden worden geleid door of namens het bestuur.

Artikel 2: Het bestuur organiseert elk verenigingsjaar :

                                                       Vijf vaste parencompetities.

                                                       Zomeravondwedstrijden.

                                                       Een of meer vrije bridgeavonden, o.a. Kerst- en einddrive.

Soort, aantal en tijdsduur worden jaarlijks door het bestuur vastgelegd en tijdig aan de leden bekendgemaakt

Artikel 3: De werkzaamheden, verbonden aan de in art. 2 bedoelde wedstrijden en/of competities kunnen door het bestuur worden gedelegeerd aan: de Wedstrijdleider ( hierna te noemen “WL”) of een of meer door het bestuur aan te wijzen/in te stellen verenigingsleden of commissies.

Artikel 4: Op alle wedstrijden, als bedoeld in art.1, zijn de “spelregels voor wedstrijdbridge van de Nederlandse Bridge Bond” , (hierna te noemen “NBB”) van toepassing, tenzij dit reglement anders bepaalt. (hierna te noemen “spelregels”).

                                       

 ======    Speelavond   =====     

Artikel 5: Alleen in de laagste lijn is gebruik van hulpmiddelen zoals overzicht biedsystemen etc. voor beginnende bridgers toegestaan gedurende een in overleg met de WL bepaalde periode.

Artikel 6: De deelnemers aan de wedstrijden dienen aan tafel plaats te nemen volgens de aanwijzingen van de WL.

Artikel 7: Bij aanvang van elke wedstrijd en ook nadat de spelers van tafel hebben gewisseld dienen zij zich ervan te overtuigen, dat:  Zij aan de juiste tafel plaatsnemen.

                                                          Zij in de juiste windrichting spelen.

                                                          De juiste spellen op tafel liggen.

                                                          Het nummer van de bridgemate klopt.

                                                          Systeemkaarten op tafel liggen.

Artikel 8: Alle speelborden liggen op alle tafels in de zelfde richting. Alleen met toestemming van WL mag het speelbord in een andere richting worden gedraaid.

Artikel 9: Voor aanvang van de speelavond dienen de spellen te worden geschud en gegeven, waarbij tenminste één speler van iedere partij aanwezig is.

Artikel 10: Bij het uithalen van de kaarten dienen alle vier de spelers aan de tafel te zitten. Ieder telt zijn/haar kaarten met de beeldzijde naar beneden. Elke speler is er verantwoordelijk voor, dat hij/zij na afloop van elk spel zijn/haar dertien kaarten –  geschud en wel – in het juiste vakje opbergt.

Artikel 11: Indien na het bieden een contract tot stand gekomen is, dient de Noord-speler – voordat met het spel wordt begonnen – deze gegevens in te voeren in de op iedere tafel geplaatste bridgemate. Na het beëindigen van elk spel noteert de Noord-speler de score in de bridgemate. De Oost-speler is belast met de controle hierop. Na controle en goedkeuring door de Oost-speler is mutatie van de score alleen nog mogelijk door middel van een door beide paren ondertekende verklaring. Deze verklaring dient onmiddellijk na het spelen van de betreffende spelronde bij de WL te zijn ingediend.

Artikel 12: De tijdsduur van een speelronde is 30 minuten, gebaseerd op een speeltijd van 7,5 minuut per spel. Vijf minuten voor het verstrijken van de rondetijd geeft de klok of WL een signaal. Alleen met uitdrukkelijke toestemming van de WL mag dan nog aan een nieuw spel worden begonnen.  Als een ronde voorbij is, zijn 2 minuten beschikbaar om van tafel te wisselen. De klok of de WL geeft daartoe wederom het sein. Voor een spel, dat niet in de speelronde werd gespeeld krijgen beide paren hun persoonlijke gemiddelde van de wel gespeelde spellen in deze ronde. Met andere woorden hun einduitslag wordt dan berekend over de wel in de ronde gespeelde spellen.

                                            

 =====  Wedstrijdleiding en arbitrage  =====

Artikel 13: De WL is verantwoordelijk voor de technische leiding tijdens de wedstrijden. Hij/zij ziet toe op de handhaving van de spelregels, evenals van de aanvullende bepalingen, vastgelegd in dit reglement. De WL treedt op als hoofdarbiter. Hij kan zich laten assisteren door het aanwijzen van een arbiter per wedstrijdlijn. Een arbiter mag bij voorkeur niet arbitreren in de eigen wedstrijdlijn, behoudens in het geval van overmacht.

Artikel 14: De WL of een van de andere arbiters, heeft de bevoegdheid tot het opleggen van procedurele, dan wel disciplinaire straffen aan die deelnemers, die zich niet houden aan het bepaalde in dit wedstrijdreglement. Hij kan straffen toekennen aan die speler(s), die door hem verantwoordelijk worden gesteld voor het verstoren van de juiste gang van zaken zoals:

                                       spelen van een verkeerd of gedraaid bord

                                       onklaar maken van een bord

                                       verzuimen kaarten te tellen

                                       zitten aan een verkeerde tafel

                                       te langzaam spelen

                                       beginnen aan 'n nieuw spel als in de speelronde minder dan 5 minuten te gaan zijn.

Artikel 15: Alle spelers zijn verantwoordelijk voor het naleven van artikel 7 en volgende artikelen, alsmede voor het gehele spelverloop. Bij elke onregelmatigheid of onjuistheid dient een arbiter te worden ingeschakeld. Het is de spelers evenwel toegestaan, zonder inschakeling van de WL, zelf  maatregelen te nemen om de geconstateerde onregelmatigheid of onjuistheid op te lossen, mits beide partijen ermee akkoord gaan.

Artikel 16: Protest tegen een arbitrale beslissing dient binnen 15 minuten na beëindiging van de laatste speelronde te worden ingediend bij de WL. Deze formeert een protestcommissie uit de arbiters die niet bij het protest betrokken zijn, zo nodig aangevuld met door de WL uitgenodigde spelers.

 

======   Deelname en indeling bij parencompetities  ======

Artikel 17: Het bestuur stelt het aantal paren per wedstrijdlijn vast. De officiële eindstand van de voorafgaande competitie, waarin promotie en degradatie zijn verwerkt, wordt daarbij als uitgangspunt gehanteerd.

Artikel 18: A: een paar dat bij aanvang van een nieuwe competitie aan een of meer direct voorafgaande competities (doch korter dan een clubseizoen) niet heeft deelgenomen, wordt één lijn lager ingedeeld, dan die waarin het paar het laatst was ingedeeld.

                  B:een paar dat bij aanvang van een nieuwe competitie een seizoen of langer heeft onderbroken, wordt bij hervatting in de laagste lijn ingedeeld.

Artikel 19: Een speler die zijn/haar partner heeft opgezegd en aan een nieuwe competitie gaat deelnemen met een andere partner die:

      a) reeds lid is van de vereniging ----> start in de lijn waarin de laagst geplaatste van beide partners zou zijn uitgekomen, indien geen wisseling had plaats gevonden.

      b) een nieuw lid is, of meer dan een seizoen niet aan competities binnen de vereniging heeft

                      deelgenomen -----> start in de laagste lijn.

Artikel 20: De speler die is opgezegd door zijn partner en aan een nieuwe competitie gaat deelnemen met een andere partner, start minimaal in de lijn waarin hij/zij met de vorige partner zou zijn ingedeeld.

Artikel 21: Een paar bestaande uit twee nieuwe leden wordt ingedeeld in de laagste lijn.

                                        

======    Vaste competitie ======

Artikel 22: Iedere vaste competitie omvat zes of vijf speelavonden. Promotie of degradatie vindt plaats na de laatste speelavond van iedere competitie. Per lijn promoveren en degraderen 3 paren. Bij gelijk eindigen van twee paren, zijn de onderling behaalde scores beslissend. Blijken ook deze gelijk te zijn, dan beslist het lot. Indien er voor aanvang van een nieuwe competitieronde sprake is van een wijziging van het aantal paren per lijn, kan de WL versterkte of verminderde promotie of degradatie toepassen.

 

======   Mixcompetitie  ====== 

Artikel 23: Een mixcompetitie bestaat uit vijf speelavonden. Winnaar is dat paar, dat na het spelen van 5 avonden gemiddeld het hoogste percentage heeft gescoord.

 

=====  Zomeravondwedstrijden  ======

Artikel 24: Aan de zomeravondwedstrijd kan ook worden deelgenomen door niet-leden. De WL formeert op de speelavonden lijnen van ten hoogste 14 paren. Alle deelnemers aan deze wedstrijden betalen een tevoren door het bestuur van de vereniging bepaald bedrag.

 

 

======  Invallen en verzuimen  ======

Artikel 25: Voor een goed verloop van de (voorbereiding op de) wedstrijden is het noodzakelijk, dat de speler(s) bij verhindering zelf voor de invaller(s) zorgen. Zij verplichten zich deze mutatie tijdig en zo vroeg mogelijk voor de aanvang van een wedstrijd aan de WL door te geven.

Artikel 26: Wanneer een paar/speler verhinderd is een spelbijeenkomst bij te wonen en voor een invallend paar/speler heeft gezorgd, krijgt het betreffende paar voor deze speelavond, ongeacht het aantal malen, de volgende score:

     a) bij een invaller ,het op de betreffende speelbijeenkomst behaalde resultaat, met een maximum van 55% en een minimum van 40%.

     b) Bij 2 invallers, het op de betreffende speelbijeenkomst behaalde resultaat met een maximum van 50% en een minimum van 40%.

Artikel 27: Als een paar/speler correct is afgemeld bij de WL , doch niet voor vervanging heeft gezorgd, krijgt het paar/speler een score van 40%.

Artikel 28: Als een paar/speler niet of niet correct bij de WL is afgemeld en/of niet voor vervanging heeft gezorgd, wordt een score van 30% toegekend. Ingeval van overmacht, zulks ter beoordeling van de WL, kan aan het betreffende paar/speler een hogere score worden toegekend.

Artikel 29: Als een paar/speler zich voor meer dan drie zittingen van een competitie heeft laten vervangen, is dit paar/speler uitgesloten van promotie en van het clubkampioenschap. Wanneer een speler van een paar gedurende een gehele competitie niet aanwezig kan zijn en er tijdens die competitie met één vaste invaller gespeeld wordt, gelden de normale promotie- en degradatieregelingen.

 

======    Clubkampioenschap   ======

Artikel 30: Het paar, dat alle vaste parencompetities van een clubseizoen in dezelfde samenstelling in de hoogste lijn heeft gespeeld en daarbij de hoogste cumulatieve score heeft behaald, is clubkampioen. Bij gelijke stand is de door de betreffende paren behaalde onderlinge resultaten van hun laatste drie spellen bepalend. Mocht ook dit geen resultaat opleveren, dan beslist het lot.

 

 

======   Slemkampioenschap   ======

Artikel 31: Gedurende het clubseizoen wordt voor de vaste competitie een zgn. “slemlijst” bijgehouden. Voor elk geboden en gemaakt groot slem, worden 3 punten en voor lek geboden en gemaakt  klein slem wordt een punt toegekend. Een paar, dat zich in zijn geheel laat vervangen, kan op die speelbijeenkomst geen slempunten scoren. Het paar met het hoogst aantal slempunten aan het einde van een seizoen is slemkampioen van de club. Bij gelijke stand is het paar met de meeste geboden en gemaakte groot slems, winnaar.  Blijft ook dan de stand nog gelijk, is het paar met de meeste geboden en gemaakte klein slems winnaar. Daarna beslist eventueel het lot.

 

 

======    Slotbepaling   ======

Artikel 32: Bij twijfel omtrent de strekking of betekenis van hetgeen in dit reglement is bepaald en in gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.

Artikel 33: Dit reglement kan op een ledenvergadering worden gewijzigd bij meerderheid van stemmen.

 

 

Aldus vastgesteld in de ledenvergadering gehouden op 20 oktober 2009.