Statuten Bridgeclub Princenhage

Download reglement:

 

STATUTEN

Van de Bridgeclub Princenhage

 

Heden, dertig augustus negentienhonderd negenennegentig, verscheen voor mij. Meneer Hendrikus Marinus Dicou, notaris ter standplaats Breda: Mevrouw Maria Antoinetta de Graaf-Dictus, zonder beroep, wonende te 4891 VE Rijsbergen, Warande 6, geboren te Zundert op eenentwintig januari negentienhonderd drieëndertig, zich legimiterende met haar rijbewijs, nummer 3127883264, gehuwd.

De comparante verklaarde:

  • Dat de algemene vergadering van de te Breda gevestigde en te 4891 VE Rijsbergen aan de Warande 6 kantoor houdende vereniging “Bridgeclub Princenhage”, ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel te Breda onder nummer 40282852, in haar vergadering gehouden te Breda op negenentwintig maart negentienhonderd negenennegentig heeft besloten de statuten van de vereniging algeheel te wijzigen, blijkende hiervan uit een afschrift van de notulen van voormelde vergadering dat aan deze akte is gehecht;

  • Dat zij op grond van het bepaalde in artikel 20 lid 4 van de statuten van voornoemde vereniging- als zijnde secretaris van deze vereniging- tot het doen verlijden van deze akte bevoegd is;

  • Dat zij ter uitvoering van het vorenstaande de statuten van de vereniging met ingang van heden gewijzigd vaststel als volgt;

NAAM EN ZETEL

Artikel 1:

  1. De vereniging draagt de naam BRIDGECLUB PRINCENHAGE. Zij wordt in deze statuten aangeduid als “de vereniging”.

  2. De vereniging heeft haar zetel in Breda.

OPRICHTINBGSDATUM, DUUR EN VERENINGINGJAAR

Artikel 2.

  1. De vereniging werd opgericht op dertien december negentienhonderd vijfentachtig en is aangegaan voor onbepaalde tijd.

  2. Het verenigingsjaar loopt van één september tot en met eenendertig augustus daaropvolgend. Het op één januari negentienhonderd negenennegentig aangevangen verenigingsjaar eindigt op eenendertig augustus negentienhonderd negenennegentig.

DOEL

Artikel 3.

  1. De vereniging heeft te doel de beoefening van het bridgespel in de meest uitgebreide zin des woords te bevorderen, alles in overeenstemming met de regels welke de Nederlandse Bridge Bond en het district waartoe de vereniging behoort daarvoor vaststellen.

  2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:

    1. Het organiseren van- en het deelnemen aan wedstrijden en competities en verder door alles te doen wat voor de beoefening van het bridgespel nuttig kan worden geacht:

    2. Lid te zijn van de Nederlandse Bridge Bond:

    3. Lid te zijn van het district, waartoe de vereniging krachtens de indeling van de Nederlandse Bridge Bond behoort:

LEDEN, ERELEDEN EN BEGUNSTIGERS

Artikel 4.

  1. De vereniging kent leden en ereleden, terwijl de vereniging daarnaast begunstigers kent.

  2. Leden van de vereniging zijn natuurlijke personen, die als lid van de vereniging zijn aangenomen overeenkomstig de daartoe bij Huishoudelijk Reglement vast te stellen regelen.

  3. Ereleden zijn natuurlijke personen, die zich jegens de vereniging op bijzondere wijze hebben onderscheiden en als zodanig door de Algemene Vergadering zijn benoemd, op voordracht van het bestuur of tenminste vijf leden.

  4. Begunstigers zijn zij, die zich bereid verklaard hebben de vereniging financieel te steunen met een door het bestuur vast te stellen minimumbijdrage:

  5. Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

TOELATING

Artikel 5.

  1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden en begunstigers.

  2. Bij niet toelating kan de Algemene Vergadering alsnog tot toelating besluiten.

REGISTER

Artikel 6.

Het bestuur houdt een register, waarin de namen en adressen van leden, ereleden en begunstigers zijn opgenomen.

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP

Artikel 7.

  1. Het lidmaatschap eindigt:

    1. Door opzegging door het lid:

    2. Door opzegging door de vereniging; deze kan geschieden wanneer een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;

    3. Door ontzetting; deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt;

    4. Door overlijden van het lid;

    5. Door royement door de vereniging of door de Nederlandse Bridge Bond

  2. Opzegging door de vereniging en ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.

  3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met een opzeggingstermijn van vier weken. Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden geëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

  4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.

  5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit, waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, te zijn opzichte uit te sluiten.

  6. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap, staat de betrokkene binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van reden in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande evenwel dat het geschorste lid het recht heeft zich in de algemene vergadering, waarin het in dit lid bedoelde beroep wordt behandeld, te verantwoorden.

  7. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.

EINDE VAN DE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN BEGUNSTIGERS

Artikel 8.

  1. De rechten en verplichtingen van een begunstiger kunnen wederzijds door opzegging overeenkomstig de bepalingen in het Huishoudelijk Reglement worden beëindigd behouden dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingjaar voor het geheel blijft verschuldigd.

  2. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.

GELDMIDDELEN EN JAARLIJKSE BIJDRAGEN.

Artikel 9.

  1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit de jaarlijkse bijdragen van de leden en de begunstigers, schenkingen, erfstellingen, legaten en eventuele andere baten.

  2. De leden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, die door de algemene ledenvergadering wordt vast gesteld.

  3. De begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse minimumbijdrage, die door het bestuur wordt vastgesteld.

  4. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.

BESTUUR.

Artikel 10.

  1. Het bestuur bestaat uit ten minste vijf personen, die door de algemene vergadering worden benoemd. De benoeming geschiedt uit de leden.

  2. De benoeming van bestuursleden geschiedt op voorstel van het bestuur, dan wel door ten minste vijf leden.

  3. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de algemene vergadering medegedeeld. Een voordracht van de leden moet minstens één week voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.

  4. Om voor benoeming in aanmerking te komen moet een lid meerderjarig zijn.

BESTUURFUNCTIES EN BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR.

Artikel 11.

  1. Het bestuurlid dat de functie van voorzitter bekleedt, wordt als zodanig benoemd. Het bestuur benoemt uit zijn midden een vicevoorzitter, secretaris en penningmeester. Een bestuurslid kan meer dan één functie bekleden.

  2. Het bestuur kan uit zijn midden voor ieder der in het eerste lid genoemde functionarissen een vervanger aanwijzen.

  3. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt, die door de voorzitter en de secretaris na vaststelling worden ondertekend. In overeenstemming met hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit beslissend.

  4. Bij Huishoudelijk Reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP, PERIODIEK AFTREDEN EN SCHORSING

Artikel 12.

  1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing, die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

  2. Elk bestuurslid treed uiterlijk vijf jaar na zijn benoeming af volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.

  3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door overlijden van- en bedanken door het bestuurslid of het eindigen van zijn lidmaatschap van de vereniging.

BESTUURSTAAK EN VERTEGENWOORDIGING.

Artikel 13.

  1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.

  2. Indien het aantal bestuursleden minder dan vijf doch tenminste drie bedraagt blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene ledenvergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.

  3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies of door één of meer personen die door het bestuur worden benoemd.

  4. Het bestuur is, mits met goedkeurig van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het vervreemden of bezwaren van registergoederen. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegenderden beroep worden gedaan.

  5. Onverminderd het in de laatste volzin van lid 4 bepaalde wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd:

    1. Hetzij door de voorzitter tezamen met één ander bestuurslid;

    2. Hetzij door drie gezamenlijk handelende bestuursleden.

JAARVERSLAG, REKENING EN VERANTWOORDING EN BEGROTING

Artikel 14.

  1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden herkend.

  2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen drie maanden na afloop van het verenigingsjaar zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen verenigingsjaar gevoerd beleid; tevens legt het bestuur in deze algemene ledenvergadering de begroting voor het nieuwe verenigingsjaar ter goedkeuring over. Na verloop van de termijn kan ieder lid de rekening en verantwoording van het bestuur vorderen.

  3. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een kascommissie van ten minste twee personen die geen deel uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.

  4. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.

  5. De last van de commissie Kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een ander kascommissie.

  6. Goedkeuring door de algemene vergadering van de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot decharge voor die handelingen, die uit de rekening en verantwoording blijken.

  7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 1 en 2 tien jaren lang te bewaren.

ALGEMENE VERGADERING

Artikel 15.

  1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.

  2. Jaarlijks, uiterlijk drie maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering –de jaarvergadering- gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:

    1. Het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 14, met het verslag van de aldaar bedoelde commissie, alsmede de begroting;

    2. De benoeming van de in het artikel 14 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;

    3. Voorziening in eventuele vacatures;

    4. Voorstellen van het bestuur en leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.

  3. Andere algemene vergadering worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.

  4. Voorts is het bestuur op schriftelijke verzoek, met opgave van de te behandelen onderwerpen, van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte de stemmen, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 19 of bij advertentie in ten minste een ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veel gelezen dagblad, met inachtneming van de in artikel 19 vermelde oproepingstermijn.

TOEGANG EN STEMRECHT

Artikel 16.

  1. Toegang tot de algemene vergadering hebben de leden en ereleden van de vereniging. Geen toegang hebben geschorste leden, behoudens het bepaalde in artikel 7 lid 6 en geschorste bestuursleden.

  2. Over toelating van andere dan in lid 1 bedoelde personen beslist het bestuur.

  3. Ieder lid van de vereniging, dat niet geschorst is, heeft één stem. De bestuursleden zijn eveneens elk gerechtigd tot het uitbrengen van één stem.

  4. Een lid kan slechts één ander lid schriftelijk machtigen namens hem zijn stem uit te brengen in de vergadering. Van deze machtiging dient op een zodanige wijze te blijken, dat het bestuur deze voldoende acht. Ieder lid kan slecht één ander lid ter vergadering vertegenwoordigen.

VOORZITTERSCHAP EN NOTULEN

Artikel 17.

  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of bij diens afwezigheid door de vicevoorzitter. Ontbreekt de voorzitter en de vicevoorzitter dan treedt één der door het bestuur aangewezen plaatsvervanger als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.

  2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of bij diens ontstentenis een ander door de voorzitter aangewezen persoon notulengemaakt, die door de voorzitter en de notulist na vaststelling worden ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken. De inhoud van de notulen of het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.

BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING

Artikel 18.

  1. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

  2. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

  3. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten plaats. Heeft alsdan wederom niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie dan die personen bij een nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.

  4. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezingen van personen, dan is het verworpen.

  5. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.

  6. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

  7. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen –dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding- ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING

Artikel 19.

  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de leden en ereleden volgens het register bedoeld in artikel 6. De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste veertien dagen.

  2. Bij de oproeping worden de te behandeldelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in de artikelen 20 en 21.

STATUENWIJZIGING

Artikel 20.

  1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijzing van de statuten zal worden voorgesteld.

  2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzake leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld aan alle leden toegezonden.

  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordig is. Is niet twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt na die vergadering een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden binnen vier weken na de eerste vergadering, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minst twee/derde van de geldige stemmen.

  4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd.

ONTBINDING

Artikel 21.

  1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.

  2. De vereffening van het vermogen van de ontbonden vereniging geschiedt door het bestuur, tenzij bij het besluit tot ontbinding door de algemene vergadering tenminste twee anderen tot vereffenaars zijn aangewezen.

  3. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen doeleinden als het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 22.

  1. De algemene vergadering kan bij Huishoudelijk Reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de werkzaamheden van het bestuur, de vergadering, de wijze van uitoefenen van het stemrecht en alle verdere onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.

  2. Wijzigingen van het Huishoudelijk Reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering

  3. Het Huishoudelijk Reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met deze statuten.

De comparante is mij, notaris, bekend.

WAARVAN AKTE, in minuut opgemaakt is verleden te Breda op dag maand en jaar, in het hoofd dezer gemeld.

Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte aan de verschenen persoon, heeft deze verklaard van de inhoud van deze akte te hebben kennisgenomen en op volledige voorlezing daarvan geen prijs te stellen.

Vervolgens is deze akte naar beperkte voorlezing door de comparante en mij, notaris ondertekend.

VOOR AFSCHRIFT

w.g. Mr H.M. Dicou