Statuten

Statuten van de Bridge Club POLDER, opgericht 1 januari 2006

 

 

Artikel 1 Naam en zetel
1. De vereniging draagt de naam: “Bridge Club P.O.L.D.E.R.” Dit is een afkorting van Pas Of Liever Doublet En Redoublet..
2. De vereniging is gevestigd te Lelystad.

 

Artikel 2 Duur en verenigingsjaar
De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd. Het verenigingsjaar, tevens boekjaar, loopt van één januari tot en met éénendertig december.

 

Artikel 3 Doel
De vereniging heeft ten doel de beoefening van het bridgespel. De vereniging tracht dit doel te bereiken door:
1. Het organiseren van onderlinge competities.
2. Het organiseren van – of het deelnemen aan - bridgewedstrijden in verenigingsverband tegen andere bridgeclubs.
3. Het organiseren van eventuele andere activiteiten in het kader van de doelstelling van de vereniging.

 

Artikel 4 Leden
1. De vereniging kent leden en ereleden.
2. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden.
3. Bij niet-toelating -door het bestuur- tot lid kan de algemene vergadering alsnog daartoe besluiten.
4. Ereleden zijn zij, die als zodanig door de ledenvergadering zijn benoemd op grond van hun verdiensten voor de vereniging. Het erelidmaatschap is verenigbaar met het lidmaatschap.
5. Het bestuur houdt een register, waarin de namen en de adressen van de leden en ereleden zijn opgetekend.

 

Artikel 5 Einde lidmaatschap
1.Het lidmaatschap eindigt:
a. door het overlijden van het lid;
b. door opzegging door het lid;
c. door opzegging namens de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld te voldoen, wanneer het zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, of wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
d. door ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken.
Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit waarbij de financiële verplichtingen van de leden zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.
6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering.
Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse contributie voor het geheel verschuldigd, tenzij het bestuur anders beslist.

 

Artikel 6 Geldmiddelen
1. De geldmiddelen der vereniging bestaan uit de contributie van de leden, uit entreegelden en uit eventuele toevallige andere baten.
2. De door de leden verschuldigde contributie wordt jaarlijks door de ledenvergadering tijdens de jaarvergadering vastgesteld.
3. In de ledenvergadering, bedoeld in artikel 10 lid 1, wordt door de leden een kascommissie, bestaande uit twee leden en een reservelid, géén bestuurslid zijnde, gekozen, die de boeken en de bescheiden van de penningmeester controleert en daarvan verslag uitbrengt aan het bestuur. Het bestuur brengt dit verslag ter kennis van de ledenvergadering. De zittingsduur van de leden van de kascommissie is één jaar en zij zijn éénmaal terstond herkiesbaar.
4. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichtingen tot het betalen van een bijdrage te verlenen.

 

Artikel 7 Bestuur
1. Het bestuur bestaat uit ten minste drie en ten hoogste vijf leden.
2. De bestuursleden worden door de ledenvergadering uit de leden gekozen voor de duur van twee drie jaar. De voorzitter wordt in functie gekozen. De overige bestuursfuncties worden door de bestuursleden onderling verdeeld.
3. Jaarlijks treedt, met inachtneming van het in het vorige lid bepaalde, een aantal bestuursleden af volgens een door het bestuur vast te stellen rooster. Aftredende bestuursleden zijn terstond herkiesbaar en worden bij herkiesbaarstelling geacht kandidaat te zijn.
4. De ledenvergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan indien zij daartoe termen aanwezig acht.Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen.
5. De leden van het bestuur zijn bevoegd te allen tijde zelf ontslag te nemen, mits dit schriftelijk geschiedt met een opzegtermijn van tenminste één maand.
6. Bij beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging, eindigt het lidmaatschap van het bestuur per dezelfde datum.

 

Artikel 8 Bestuursfuncties - Besluitvorming van het bestuur
1. Het bestuur wijst aan zijn leden functies toe, waaronder tenminste die van vice-voorzitter, penningmeester en secretaris. De taakverdeling binnen het bestuur wordt ter kennis van de leden gebracht.
2. Van het verhandelde in elke bestuursvergadering worden door de secretaris of een ander daartoe door de voorzitter aangewezen bestuurslid notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. In overeenstemming met hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit beslissend.
3. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.

 

Artikel 9 Periodiek aftreden – Schorsing
1. De algemene vergadering is bevoegd tot ontslag of schorsing van een bestuurslid. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na de benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar voor een tweede termijn van drie jaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van de voorganger in.
3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door bedanken door het bestuurslid of het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging.

 

Artikel 10 Bestuurstaak - Delegering – Vertegenwoordiging
1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
3. Het bestuur is bevoegd bepaalde onderdelen van de bestuurstaak te doen uitvoeren door commissies of door één of meer personen die door het bestuur worden benoemd. Voor een dergelijke gedelegeerde taak blijft het bestuur verantwoordelijk.
4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een derde verbindt.
Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.
5. De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd, óf door de voorzitter tezamen met één ander bestuurslid, óf door een gezamenlijk handelende meerderheid van de bestuursleden.

 

Artikel 11 Jaarverslag - Verantwoording – kascommissie
1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging worden gekend.
2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen twee maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, een jaarverslag uit alsmede een balans en een staat van baten en lasten, waarmee verantwoording wordt afgelegd over het in het afgelopen verenigingsjaar gevoerde beleid.
Na afloop van de genoemde termijn van twee maanden kan ieder lid deze verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
3. Het bestuur is verplicht de in lid 1 en lid 2 bedoelde bescheiden vijf jaren lang te bewaren.
4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een kascommissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
De commissie onderzoekt de in lid 1 en lid 2 bedoelde bescheiden en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
5. Vereist het onderzoek van de financiële stukken bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
6. De samenstelling van de kasscommissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herzien.
7. Indien door onvoorziene omstandigheden en buiten aanwijsbare schuld van één of meer leden van het bestuur een financieel tekort wordt geconstateerd van zodanige omvang dat het niet binnen een redelijke termijn door de normale inkomsten van de vereniging kan worden gedekt, dan zal dat tekort hoofdelijk worden omgeslagen door een gelijke eenmalige bijdrage van alle leden.
De algemene vergadering beslist over de in de vorige zin genoemde aanwijsbare schuld, alsmede over de vraag of het tekort van voldoende omvang is om tot hoofdelijke omslag over te gaan.

 

Artikel 12 Algemene Vergadering
1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Jaarlijks, uiterlijk twee maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering - de jaarvergadering - gehouden.
In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
a. het jaarverslag en het financiële verslag als bedoeld in artikel 11, met het verslag van de kasscommissie;
b. de benoeming van de kascommissie voor het volgende verenigingsjaar;
c. voorziening in eventuele vacatures;
d. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering volgens artikel 13.
e. voorstellen van de leden welke staande de vergadering worden gedaan
3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek, met opgave van de te behandelen onderwerpen, van tenminste tien procent van de stemgerechtigde leden, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.
5. Indien aan het verzoek als bedoeld in lid 4 binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan overeenkomstig de in artikel 13 bepaalde werkwijze.

 

Artikel 13 Bijeenroeping algemene vergadering
1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur of door een groep leden als bedoeld in lid 5 van artikel 12. De oproeping geschiedt schriftelijk op het aankondigingsbord in de speelgelegenheid van de vereniging en wordt ondersteund door herhaalde mondelinge aankondigingen. De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste twee weken.
2. Bij de oproeping worden alle te behandelen onderwerpen vermeld, voorzover aan het bestuur bekend op het tijdstip van oproeping.
3. Om in de oproeping voor de vergadering te worden vermeld dienen voorstellen van leden tenminste drie weken voor de algemene ledenvergadering schriftelijk bij het bestuur te zijn ingediend.

 

Artikel 14 Toegang en Stemrecht
1. Toegang tot de algemene vergadering hebben de leden van de vereniging. Geen toegang hebben geschorste leden.
2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist het bestuur.
3. Ieder lid van de vereniging dat niet als lid geschorst is, heeft één stem.
4. Een lid kan slechts één ander lid schriftelijk machtigen namens hem/haar stem uit te brengen in de vergaderingen. Van deze machtiging dient op een zodanige wijze te blijken, dat het bestuur deze voldoende acht.

 

Artikel 15 Voorzitterschap en Notulen
1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of bij diens afwezigheid door de vice-voorzitter.
Ontbreken de voorzitter en de vice-voorzitter dan wordt de vergadering geleid door een door de algemene vergadering zelf benoemde discussieleider.
2. Van het verhandelde in elke algemene vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon, notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend.
Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken.
De inhoud van de notulen of van het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.

 

Artikel 16 Besluitvorming van de Algemene ledengadering
1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgesteld voorstel.
2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, één lid dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
3. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
4. Blanco en ongeldige stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht
5. Indien de stemmen staken over een voorstel dat niet gaat over de verkiezing van personen, dan is het verworpen.
6. Indien bij een verkiezing van personen niemand van de kandidaten de volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden tussen de twee kandidaten die bij de eerste stemming de meeste stemmen kregen, dan wel - indien er van die kandidaten waarop de meeste stemmen zijn uitgebracht personen zijn waarop een gelijk aantal stemmen is uitgebracht - tussen de kandidaten met de meeste stemmen.
Bij staking van de stemming in de tweede ronde beslist het lot.
7. Stemmingen omtrent personen geschieden schriftelijk. Alle andere stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter of een verenigingslid vóór de stemming te kennen geeft een schriftelijke stemming te verlangen.
Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk tenzij een lid hoofdelijke stemming verlangt.
8. Een éénstemmig besluit van àlle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
9. Zolang in een algemene vergadering àlle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen - dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding - ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

 

Artikel 17 Statutenwijziging
1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De statuten zullen geen bepalingen mogen bevatten die onverenigbaar zijn met statuten en reglementen van de Nederlandse Bridge Bond, gevestigd te Utrecht, en van het district waartoe de vereniging behoort.
2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Van deze ter-inzage-legging moet mededeling worden gedaan bij de oproeping tot de vergadering.
3. Een besluit tot statutenwijziging moet worden genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
In die vergadering dient tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd te zijn (quorum).
Is niet twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt, tussen de tweede week en de zesde week daarna, een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden. In die tweede vergadering kan over het voorstel tot statutenwijziging zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden, worden besloten met inachtneming van de hiervoor aangegeven meerderheid van stemmen.

 

Artikel 18 Ontbinding
1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering.
Het bepaalde in artikel 17 inzake statutenwijziging is van overeenkomstige toepassing op ontbinding.
2. Bij ontbinding van de vereniging benoemt de algemene vergadering minstens twee vereffenaars, die gehouden zijn over hun beleid iedere drie maanden, dat de liquidatie voortduurt, verantwoording af te leggen aan de algemene vergadering.
3. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen bestemmingen, in overeenstemming met het doel van de vereniging als genoemd in artikel 3.

 

Artikel 19 Huishoudelijk Reglement – Wedstrijdreglement
1. De algemene vergadering kan bij Huishoudelijk Reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, introductie, het bedrag van de jaarlijkse bijdrage, de werkzaamheden van het bestuur, de vergadering, de wijze van uitoefenen van het stemrecht en alle verdere onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
2. De algemene vergadering kan in een Wedstrijdreglement nadere regels geven omtrent het verloop van interne competities of bridgedrives, promotie en degradatie, selectie van deelnemers aan externe competities en alle verdere direct op het bridgespel betrokken onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
3. Wijziging van het Huishoudelijk Reglement of het Wedstrijdreglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering. Het voorstrel daartoe moet bekend worden gemaakt bij de oproeping tot die vergadering als geregeld in artikel 15
4. In gevallen waarin deze statuten of het Huishoudelijk Reglement niet voorzien, beslist het bestuur..
5. Het Huishoudelijk Reglement en het Wedstrijdreglement mogen niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met deze statuten of met de statuten en reglementen van de Nederlandse Bridge Bond, gevestigd te Utrecht en van het district waartoe de vereniging behoort.

Deze statuten zijn vastgesteld door de algemene vergadering van de Bridge Club POLDER op 7 november 2007 te Lelystad.