Statuten BCL'58

STATUTEN VAN DE VERENIGING BCL ‘58’

BEGRIPSBEPALINGEN

NAAM EN ZETEL

Artikel 1

1. De vereniging draagt de naam: “Bridge Club Lelystad 1958, afgekort ‘BCL 1958”. Zij wordt in deze statuten verder aangeduid als “de vereniging”

2. Zij heeft haar zetel te Lelystad

OPRICHTINGSDATUM EN VERENIGINGSJAAR

Artikel 2

1. De vereniging werd opgericht op twaalf september negentienhonderdachtenvijftig.

2. Het verenigingsjaar loopt van één september tot en met en met éénendertig augustus daaropvolgend.

DOEL

Artikel 3

1. De vereniging heeft ten doel het bevorderen van de uitoefening van het bridgespel in de meest uitgebreide zin des woords, alles in overeenstemming met de regels welke de Nederlandse Bridge Bond en het district waartoe de vereniging behoort daarvoor vaststellen.

2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:

  1. lid te zijn van de Nederlandse Bridge Bond;

  2. lid te zijn van het district, waartoe de vereniging krachtens de indeling van de Nederlandse Bridge Bond behoort; en

  3. het organiseren van- en het deelnemen aan wedstrijden en competities en- verder door alles te doen wat voor de beoefening van het bridgespel nuttig, nodig en/of noodzakelijk is.

LEDEN EN BEGUNSTIGERS

Artikel 4

1. De vereniging kent vier soorten leden, te weten: gewone leden, jeugdleden, ereleden en leden van verdienste, terwijl de vereniging daarnaast begunstigers kent.

2. Leden van de vereniging zijn natuurlijke personen, die als lid van de vereniging zijn aangenomen overeenkomstig de daartoe bij het Huishoudelijk Reglement vast te stellen regelen.

3. Jeugdleden hebben geen stemrecht en kunnen niet tot bestuurslid worden benoemd. Zij betalen een verminderde jaarlijkse contributie.

4. Ereleden en leden van verdienste zijn natuurlijke personen, die zich jegens de vereniging op bijzondere wijze hebben onderscheiden en als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd, op voordracht van het bestuur of van één of meer leden.

5. Begunstigers zijn zij die zich bereid verklaard hebben de vereniging financieel te steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimum-bijdrage.

6. Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

TOELATING

Artikel 5

1. Het bestuur beslist omrent de toelating van leden en begunstigers.

2. Bij niet-toelating tot lid of begunstiger kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

REGISTER

Artikel 6

Het bestuur houdt een register, waarin de namen en de adressen van de leden, ereleden, leden van verdienste en begunstigers zijn opgenomen.

 

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP

Artikel 7

1. het lidmaatschap eindigt door:

  1. overlijden van het lid;

  2. de opzegging door het lid;

  3. opzegging door de vereniging;

  4. ontzetting;

e. royement door de vereniging of door de Nederlandse Bridge Bond.

2. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur. Opzegging door de vereniging kan geschieden door wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld, te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren;

3. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur. Ontzetting uit het lidmaatschap kan slechts geschieden wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.

4. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap, staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande evenwel dat het geschorste lid het recht heeft zich in de algemene vergadering, waarin het in dit lid bedoelde beroep wordt behandeld, te verantwoorden.

5. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Echter kan het lidmaatschap onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging door het lid kan tevens met onmiddellijke ingang geschieden binnen één maand nadat een besluit tot omzetting van de vereniging in een andere rechtspersoon of tot fusie of splitsing aan het lid is medegedeeld.

6. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.

7. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit waarbij de geldelijke rechten en verplichtingen van de leden worden gewijzigd, te zijnen opzichte uit te sluiten.

8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.

EINDE VAN DE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN BEGUNSTIGERS

Artikel 8

1. De rechten en verplichtingen van een begunstiger eindigen bij zijn overlijden, en kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging overeenkomstig de bepalingen in het Huishoudelijk Reglement worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingsjaar voor het geheel blijft verschuldigd.

2. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.

GELDMIDDELEN – JAARLIJKSE CONTRIBUTIES EN BIJDRAGEN

Artikel 9

1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan verder uit de jaarlijkse contributies van de leden en bijdragen van begunstigers, sponsors, inleggelden, boetes, schenkingen en uit eventuele andere baten.

2. De begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse minimum-bijdrage, die door de algemene vergadering zal worden vastgesteld.

3. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele op gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.

BESTUUR

Artikel 10

1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van ten minste vijf personen, die door de algemene vergadering worden benoemd. De benoeming geschiedt uit de leden.

2. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 3. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als vijf of meer stemgerechtigde leden. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht door vijf of meer stemgerechtigde leden moet uiterlijk drie dagen voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.

3. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met ten minste tweederde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering.

4. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het voorgaande lid de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemenen vergadering vrij in de keus.

5. Indien er meer dan een bindende voordracht is, geschiedt de benoeming uit de voordrachten.

6. Om voor benoeming in aanmerking te komen moet een lid meerderjarig zijn.

BESTUURSFUNCTIES – BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR

Artikel 11

1. De bestuursleden die de functie van voorzitter, secretaris en penningmeester zullen bekleden worden als zodanig benoemd door de Algemene Ledenvergadering.

2. Het bestuur kan uit zijn midden voor ieder der in het eerste lid genoemde functionarissen een vervanger aanwijzen.

3. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt, die door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en ondertekend. In overeenstemming met hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit beslissend. Deze notulen worden aan een daartoe bestemd register toegevoegd.

4. Bij Huishoudelijke Reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP – PERIODIEK AFTREDEN – SCHORSING

Artikel 12

1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen en geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.

3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door overlijden van en bedanken door het bestuurslid of het eindigen van zijn lidmaatschap van de vereniging.

BESTUURSTAAK – VERTEGENWOORDIGING

Artikel 13

1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.

2. Indien het aantal bestuursleden beneden vijf is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen drie maanden een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.

3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies of door één of meer personen die door het bestuur worden benoemd.

4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van derde verbindt. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.

5. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten tot:

I. Onverminderd het bepaalde onder II het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen een bedrag of waarde van tweeduizendvijfhonderd gulden (2.500,-) te boven gaande:

II. a. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen;

b. het aangaan van overeenkomsten waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;

c. het ter leen verstrekken van gelden alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;

d. het aangaan van vaststellingsovereenkomsten;

e. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden;

f. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.

Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.

6. Onverminderd het in de eerste volzin van lid 4 bepaalde wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd:

  1. hetzij door drie gezamenlijke handelende bestuursleden:

  2. hetzij door de voorzitter tezamen met één ander bestuurslid.

JAARVERSLAG – REKENING EN VERANTWOORDING

Artikel 14

1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging en van alles betreffende de werkzaamheden van de vereniging, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging kunnen worden gekend.

2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen drie maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, een jaarverslag uit over de gang van zaken in de verenigingen over het gevoerde beleid. Het bestuur stelt daartoe ondermeer de balans en de staat van baten en lasten van de vereniging op papier en legt zulks met toelichting ter goedkeuring aan de vergadering over. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.

3. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden, ereleden en leden van verdienste een kascommissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.

4. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplichting aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.

5. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere kascommissie.

6. Het bestuur is verplicht de in de voorgaande leden bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaar te bewaren, voor zover de wet niet anders bepaalt. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.

ALGEMENE VERGADERING

Artikel 15

1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.

2. Jaarlijks, uiterlijk drie maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering -de jaarvergadering- gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:

a. het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 14, met het verslag van de aldaar bedoelde commissie;

b. de benoeming van de in artikel 14 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;

c. voorziening in eventuele vacatures;

d. voorstellen van het bestuur, de leden, de ereleden of leden van verdienste, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering

3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.

4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte der stemmen verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 19 of door de advertentie in tenminste een ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veel gelezen dagblad. De verzoekers kunnen als dan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding der vergadering en het opstellen der notulen.

TOEGANG EN STEMRECHT

Artikel 16

1. Toegang tot de algemene vergadering hebben de leden, ereleden en leden van verdienste van de vereniging. Geen toegang hebben geschorste leden, behoudens het bepaalde in artikel 7 lid 4 en geschorste bestuursleden.

Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de algemene vergadering.

3. Ieder stemgerechtigd lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem. De bestuursleden, ereleden en leden van verdienste zijn eveneens elk gerechtigd tot uitbrengen van één stem.

4. Een lid kan slechts één ander lid schriftelijk machtigen namens hem zijn stem uit te brengen in de vergaderingen. Van deze machtiging dient op een zodanige wijze te blijken, dat het bestuur deze voldoende acht. Een lid kan slechts één ander lid ter vergadering vertegenwoordigen.

VOORZITTERSCHAP EN NOTULEN

Artikel 17

1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging. Ontbreekt de voorzitter, dan treedt één der andere bestuursleden door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.

2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon, notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken. De inhoud van de notulen of van het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.

BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING

Artikel 18

1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.

2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van een in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid ervan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

3. Voor zover de statuten of de wet niets anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebracht stemmen.

4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, vindt een tweede stemming plaats, of ingeval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten. Heeft alsdan weder niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen op wie bij de voorgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij de voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.

6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.

7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijk stemming verlangt.

8. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

9. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen -dus mede een voorstel tot statutenwijzing of tot ontbinding- ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

STATUTENWIJZIGING

Artikel 20

1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De statuten zullen geen bepalingen mogen bevatten die onverenigbaar zijn met statuten en reglementen van de Nederlandse Bridge Bond, gevestigd te Utrecht en van het district waartoe de vereniging behoort. Dit lid mag nimmer gewijzigd worden zonder verkregen schriftelijke toestemming van de Nederlandse Bridge Bond.

2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste veertien dagen voor de vergadering een afschrift van dat vorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld aan alle leden toegezonden.

3. Amendementen op het voorstel tot statutenwijziging moeten uiterlijk één week voor de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend. De ingediende amendementen worden zo spoedig mogelijk na het verstrijken van de indieningstermijn aan alle leden toegezonden.

4. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is. Is niet twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt niet eerder dan één week en niet later dan vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.

5. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd.

ONTBINDING

Artikel 21

1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2, 3 en 4 van het voorafgaande artikel is overeenkomstige toepassing.

2. Bij ontbinding van de vereniging benoemd de algemene vergadering minstens twee vereffenaars, die gehouden zijn over hun beleid iedere drie maanden, dat liquidatie voortduurt, verantwoording af te leggen.

3. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 22

1. De algemene vergadering kan bij Huishoudelijk Reglement nader regel geven omtrent het lidmaatschap, introductie, het bedrag van de jaarlijkse contributie of bijdrage, de werkzaamheden van het bestuur, de vergadering, de wijze van uitoefenen van het stemrecht en alle verdere onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.

2. Wijziging van het Huishoudelijk Reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering, via een schriftelijk voorstel door ten minste eentiende gedeelte van de stemgerechtigde leden van de vereniging, of op voorstel van het bestuur.

4. Het Huishoudelijk Reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met deze statuten en reglementen van de Nederlandse Bridge Bond gevestigd te Utrecht en van het district waartoe de vereniging behoort. Dit lid mag nimmer gewijzigd worden.