Brutale gok, heb medelijden met onschuldige tegenstander.
Geplaatst op zondag 11 februari 2018 - 14:40

Zomaar een clubavond. Je raapt je Oosthand op en je schrikt niet meer. 

7 3

10 7

 J 10 9 8 7 5 4 3

 2

De zoveelste hand waarmee 7SA ver weg is. Gelukkig heb je deze keer 1 punt, wat altijd nog beter is dan veel van de voorafgaande spellen. Nou ja, misschien is het wat overdreven. Maar waarom zitten de punten altijd bij de tegenpartij? Bridge is toch een gezelschapsspel waarbij iedereen kansen krijgt, ja toch? Gelukkig ben je gever en mag je het eerst bieden. Je denkt na – denksport!!- kijkt even schuins naar de tegenstanders – goede spelers, veel beter dan je zelf bent – en waagt het erop. Je opent 3Ruiten. Zuid past en partner West biedt 5Ruiten.

Had ik maar niet geboden denk je dan. Weet partner wel wat ie aanricht met dat bod? Als je kwetsbaar was dan viel het misschien mee. Maar je bent niet kwetsbaar. Even een intermezzo.

 

De regel van 2 en 3.

De ouderen onder ons hebben misschien ooit eens de serie Van Start tot Finish aangeschaft. Als je die serie van begin tot einde leest, kom je herhaaldelijk de Regel van 2 en 3 tegen. Deze regel in het kort: je opent preëmptief (bijvoorbeeld 3 Harten). Niet-kwetsbaar mag je dan 3 down gaan. Als je kwetsbaar bent mag je 2 down gaan. Alles volgens die regel wel te verstaan. Partner weet dat ( al mijn partners kennen de biedregels beter dan ik). Als we niet kwetsbaar zijn moet partner dus 4 zekere slagen meebrengen om 4 Harten te mogen bieden. En, jazeker, partner hoeft maar 3 zekere slagen te hebben om kwetsbaar al 4 Harten te mogen zeggen na een 3Harten opening. De omgekeerde wereld dus: de partner mag kwetsbaar eerder verhogen dan niet-kwetsbaar.

Voor de kritische lezer: over uitnemen gaat bovenstaande niet, dat is meer voor spelers in de A-lijn.

 

Terug naar het spelletje. Wij zijn ondertussen in 5Ruiten beland. Noord neemt even de tijd en besluit dan te passen. Daarna zwijgt iedereen. De uitkomst, door Zuid, is Hartenheer.

En dan gaat de dummy open. Je ziet maar liefst 3 azen. En partner heeft ook nog eens troefheer. Maar ja, wie de toelichting bij de Regel van 2 en 3 gelezen heeft, komt zo maar tot 4 zekere slagen. En het hadden er niet-kwetsbaar 5 (3 omdat de openaar 3 down mag gaan en nog eens 2 omdat 5Ruiten nu eenmaal 2 hoger is dan 3Ruiten) moeten zijn!

Gelukkig, de dummy heeft geen klaveren. Zo zie je maar weer: niets hebben levert ook een slag op.

In de praktijk kwam Zuid een keer aan slag. Die speelde een klaver voor. Het troefje in de dummy maakte de slag. Je zou zeggen dat dat de vijfde slag meegebrachte was.

 

Het leukste moment gebeurde wat later. De kaarten waren net teruggestopt in het board. Toen vroeg Zuid aan Noord: ”Partner, wat had je in klaveren?”. Waarop Noord het bezit noemde en ook aangaf dat bieden na 5Ruiten als al te riskant ingeschat was. Zuid knikte begrijpend, maakte geen verwijten, keek niet somber. Zo heurt het.

 

Het spel:

Oost gever.
Niemand kwetsbaar

Q 9

9 8

Q 6

A K Q 8 7 5 4

A 10 6 5 4 2

A 6 5 4

A K 2

 

N

W

   

E

S

 

7 3

10 7

J 10 9 8 7 5 4 3

2

 

K J 8

K Q J 3 2

J 10 9 6 3