20/20 vision, een goed begin van het nieuwe jaar
Geplaatst op dinsdag 14 januari 2020 door Henk van Doren

De kreet ‘20/20 vision’ stamt uit de VS en geeft aan dat je een scherpe blik hebt. In figuurlijke vorm wens ik iedereen in 2020 een scherpe blik aan de bridgetafel. Bij de mannen van Zeerob 1 was dat in het zojuist afgeronde viertallenseizoen in ieder geval goed verzorgd. Ze hebben zich gemakkelijk gehandhaafd in de 1e divisie en hebben zelfs een tijdje aan een plekje in de top 3 geroken. Goed werk!

 

In het District Groningen begon het nieuwe bridgejaar op 4 januari met het 21e Butlertoernooi Groningen, waarvoor zich 42 paren hadden ingeschreven (met 11 Zeerob paren, waarvan er 7 in de Top 10 eindigden). Ik had voor het eerst sinds een week of zes weer eens kaarten in handen en de blik was verrassend scherp. De wedstrijdleider had ons paarnummer 1 gegeven, dus er werd ook wel iets van ons verwacht ;). Het begon uitstekend op spel 1:

Ik opende de noordhand met een tamelijk stevige 2 (Muiderberg). Oost wilde zich niet laten wegblazen en volgende 2, smakelijk gedoubleerd door Rinus. West bleef in arren moede zitten, bieden had waarschijnlijk ook niet geholpen (‘vluchten kan niet meer, k zou niet weten waar naartoe’, afgelopen jaar op 1303 in de Top 2000). Het contract kan vier down met de onvindbare start onder AHV uit, maar we waren tevreden met +500 en 9 imps. De hoogste score was 2 gedoubleerd en met een overslag gehaald – in NZ!

 

Allen kwetsbaar uitnemen is altijd lastig, maar op dit spel had het geloond. 4 zit er precies in voor NZ, terwijl 5 maar één down gaat. Vijf paren vonden de goede uitnemer, slechts één daarvan werd gedoubleerd en Anton en Peter werden het best beloond omdat NZ nog doorboden naar 5 (die kenden het aloude gezegde niet, het vijfniveau is voor de tegenpartij…..).

 

Op spel 4 gingen er flink wat imps om:

Dit is een spel dat afgelopen zaterdag door Hans van der Heijde (als 2e geëindigd met Harry Burmania) in het Dagblad van het Noorden werd beschreven. Ongeveer de helft van het veld zat in 6 (noord leider) goed voor een score van +10, maar Engbert & Martijn vonden tegen genoemde journalist de schitterende kwetsbare uitnemer van 7, gedoubleerd -3. Dat leverde ze helaas maar 5 imps op, omdat lang niet iedereen het slem uitbood. Tjeerd & Sjoerd kregen een smakelijk hapje voorgeschoteld: hun tegenstanders waren in 6 gedoubleerd terechtgekomen te spelen door zuid. De tweede downslag ging onderweg in rook op maar -1 was nog steeds goed voor 15 imps.

 

Alleen maar goed spelen is meestal niet genoeg om een toernooi te winnen, je moet ook af en toe een cadeautje krijgen. Spel 13 bracht ons deze keer geluk.

Ik opende de noordkaart met 1, oost pas en Rinus verzon een wel heel jonge 3, die ik uiteraard volgooide. De manche werd acht keer geboden en vier keer gehaald, terwijl je bij correct tegenspel vier verliezers hebt. Ik kreeg 5-start via B voor mijn H. Ik had geen zin om al mijn kaarten te zetten op de troeven rond en een gunstig zitsel in harten, dus ik begon eerst maar eens met V, door oost genomen met H. Oost speelde nu V na, wat geen bemoedigende ontwikkeling leek. Afijn, toch maar genomen en 10 gespeeld, voor A. Op eigen kracht ga ik nu waarschijnlijk zelfs twee down, omdat ik de positie van de plaatjes in de hoge kleuren heel anders taxeer, maar west bracht redding door nu B op tafel te leggen. A hield en toen de troeven ook rond bleken te zitten, eindigde ik zelfs met 11 slagen, omdat ik mijn verliezende klaveren kon parkeren op B.

 

Aan het eind van de ochtendzitting stonden we tweede, achter Ad & Evert en voor de Leeuwarders Burmania - van der Heijde. De middagzitting begon nog goed, omdat onze tegenstanders een manche misten, die door de meerderheid van het veld wel werd geboden. Daarna was het echter even slikken op spel 23.

OW (Sieger Rinzema & Piet Johan Radsma) wisten uit de 5-3 fit in harten te blijven en eindigden in 3SA te spelen door oost, dat helaas niet down kon. 10 imps in de zijkolom. Toen ze dat op het volgende spel nog een keer deden, dit keer voor -7, begrepen we dat de wind toch een beetje gedraaid was. Ook in het verdere verloop bleef het sprokkelen, maar gelukkig kwamen er nog een paar slems langs die flink opleverden:

OW hebben samen 31 punten zonder een echte fit, dus het is geen wonder dat het grootste deel van het veld genoegen nam met 3SA. Niels en Aernout deden het een stuk beter door frivool tussenbieden van noord optimaal af te straffen: 3 gedoubleerd -5, oftewel -1400. In SA zijn er bij ieder zitsel 12 slagen dankzij de hoge tussenkaarten, waarbij vooral 10 goud waard was.

 

Op spel 25 hadden we het een stuk beter kunnen doen, maar het liep goed af:

NZ hebben samen 33 punten, dus het gros van de paren zat in slem, meestal in 6SA. Bij een secure verdediging kom je echter niet verder dan 11 slagen, terwijl het zelfs 7 is omdat je voldoende communicatie hebt om twee keer harten te troeven in dummy, waarna deze hoog zijn. De verliezende klaveren in de hand verdwijnt op H. Tegen 6SA kreeg ik de start van 6 uit oost, dummy 7 en toen west nietsvermoedend dekte met 10, was ik gelijk binnen. Alweer die tussenkaarten, dat wordt vast een themaatje dit jaar.

 

Aan het eind van de rit bleek +36 in de 2e zitting ruim voldoende te zijn voor de eindoverwinning.

 

© Henk van Doren, 14 jan 2020