Bridge is een wreed spel
Geplaatst op donderdag 14 november 2019 door Rinus Spit

Bridge is een wreed spel.

Bridge is een wreed spel. Neem nu spel 25. Een kansrijk groot slem in ruiten, harten, schoppen of SA. Vijf paren zaten in groot slem, slechts één paar haalde het. Meestal is het beter om in de 4-4 fit te spelen dan in de 5-3 fit, omdat je op de kleur van de 5-3 fit eventuele losers kunt stallen. Het enige paar dat toch in de 5-3 fit speelde werd rijkelijk beloond, omdat de harten 3-2 zaten en de schoppen 4-1, waardoor 7 niet gehaald werd en 7 wel. De paren die in 6 bleven steken, streken 12 imps op en het paar dat niet verder wist te komen dan 4 verdiende zelfs ook nog 3 imps.

Wij eindigden ook in 7 nadat ik achter vier (van de 5) Azen en H was gekomen, maar op het moment dat ik dummy neerlegde zei ik al: “Hmmm, misschien had ik wel 7SA moeten bieden”. Rinus mompelde dat hij dat ook al had overwogen. Het al dan niet aanwezig zijn van B is voor ons niet te achterhalen en misschien is 7SA dan wel beter, ook al hebben we maar een enkele stop in klaveren, terwijl die kleur zeker wordt gestart.

Wat is eigenlijk het meest kansrijke contract op dit spel?

In 7 moeten de troeven 3-2 zitten (68%) en daarna test je eerst de ruiten, die niet 6-0 mogen zitten of 5-1 behalve als B in de singleton valt (87%). Als de ruiten niet de 13e slag opleveren kunnen de harten nog rond zitten (68% van de resterende 13). De totale kans wordt daarmee 0,68 x (0,87 + (0,68 x 0,13) x 100 = ruim 65%.

In 7 moeten de troeven ook 3-2 zitten en omdat je aan de korte kant een klavertje troeft, heb je daarna 13 slagen. Totale kans vrijwel 68% dus.

In 7 moeten de troeven 3-3 zitten of moet B in de doubleton vallen (36 +16 = 52%) en daarna moeten de harten of de schoppen zich gedragen. Totale kans 0,52 x (0,68 + (0,68 x 0,32)) x 100 = bijna 47 procent. Ondanks alle tussenkaarten in ruiten dus een stuk minder kansrijk omdat je een troef minder hebt.

In 7SA zijn er nog maar 10 topslagen. Als de schoppen rond zitten, moet daarna ook één van beide rode kleuren lopen (0,68 x (0,68 + (0,52 x 0,32) x 100 = bijna 58%) . Als de schoppen niet rond zitten moeten beide rode kleuren lopen (0,32 x 0,68 x 0,52) x 100 = ruim 11%). Totale kans 69%, oftewel dat is het beste groot slem. Als je met één van de andere kleuren begint is de situatie uiteraard vergelijkbaar, twee van de drie kleuren moeten zich gedragen.

Wanneer de lange klaverenkleur in west bekend is beïnvloedt dat de percentages wel een beetje, omdat er in die hand minder ruimte is voor de overige kleuren. Dit maakt de kans op scheve zitsels groter. Ter compensatie krijg je wellicht een volledige telling van de westhand en zou je daarmee je kansen weer iets kunnen verhogen, maar het is me te ingewikkeld om dat allemaal mee te nemen.

Bij welke kans mag je ook al weer groot slem bieden?

Niet kwetsbaar win je ten opzichte van de kleinslembieders 500 punten als je het biedt en maakt en verlies je er 1030 als je het biedt en down gaat. Groot slem moet dus ruim 67% kans hebben om in ‘the long run’ te scoren. Conclusie: in dit geval was het verantwoord.

Afijn, wij hadden dus -10. Dat was er een van de vier en daar stond maar bitter weinig tegenover, dus de titel van dit stukje had ook ‘door het ijs gezakt’ kunnen heten.

Spel 2 was achteraf fascinerend.

Wij mochten 4 spelen en halen voor slechts een klein plusje om dat twee OW-paren voor 500 gingen in 5 en 6. 5 te spelen door zuid blijkt bij nadere analyse alleen maar legitiem down als west met een rode kleur start. Als west een voor de hand liggende kleine schoppen start kan de leider het op elegante wijze halen. Je pakt A, snijdt in ruiten, incasseert A en draait de troefkleur af. Wat OW ook doen, ze kunnen niet voorkomen dat oost wordt ingegooid om de 11e slag te brengen. Er zijn nogal wat varianten, dus de leider moet wel goed opletten. Het is sowieso verstandig om 5 te bieden (‘lesser risk’) want 4 met oost als leider kan wonderlijk genoeg alleen maar down als zuid met zijn/haar secce 2 start! Zelfs als noord neemt met A en een kleine harten naspeelt, die zuid niet blijkt te kunnen troeven, kunnen NZ er voor zorgen dat de leider zelf de klaverenkleur moet aanbreken en daar altijd een slag in verliest.

De winnaars van de 4e avond, Ivar & Engbert, waren de enigen die op spel 3 het goede tegenspel vonden. Hun arme tegenstanders, Henk & Carolien, zaten in een volstrekt normale 3SA, maar liepen op dit spel tegen een wrede score van -13 aan omdat verder geen van de NZ-paren voldoende bij de les was.

De correcte verdediging was overigens niet voor de hand liggend of zelfs maar gemakkelijk te vinden. In de meeste gevallen zal west leider zijn geweest en zal de tegenpartij zich niet met het bieden hebben bemoeid. Noord moet met harten starten anders is het al gebeurd. Als hij/zij met een kleintje start, is de verleiding voor zuid groot om harten door te spelen in de hoop die kleur op te kunnen rollen. In dit geval is het daarom beter om met V uit te komen, waarna de schoppenswitch veel gemakkelijker is. Dat moet dan wel V of 10 zijn, want anders blokkeert de schoppenkleur (west legt uiteraard een kleintje). Ingmar & Hans zaten in 5, dat echt niet gemaakt mag worden, maar ook hier gaf de verdediging niet thuis. Eén paar doubleerde 3SA en vond evenmin de dodelijke defense, +3 en 12 imps voor de tegenpartij.

Spel 26 was ook een redelijk diabolisch geval. Na een pas in oost opende ik de zuidhand met 3, waar Rinus na ampele overwegingen op paste. Precies gehaald en 0 imps. Vroeger was de gangbare mening dat je niet preëmptief moest openen met een driekaart in de andere hoge kleur ernaast, maar bij mijn weten wordt daar tegenwoordig niet meer zo zwaar aan getild. Het alternatief met mijn hand is ‘pas’, want een Multi 2 openen met deze kaart is ook al zo wat en lost het probleem bovendien niet op. Na een pas kunnen er twee dingen gebeuren: NZ komen in 4, dat in praktijk zeer lastig is te verdedigen, of in 4dat éen down gaat. De derde mogelijkheid is dar west in de derde hand opent met 1, waardoor OW zomaar de ‘uitnemer’ tegen 4 kunnen gaan vinden. Rienk & Anton presteerden dat laatste, gedoubleerd en gehaald voor 13 imps.

Tot slot spel 18 dat eveneens naadloos in het thema van dit verhaal paste:

Bijna het hele veld zat in 3SA en haalde +1 of +2. Meestal zal oost leider zijn en dan kan 3SA zelfs down als A bij de vijfkaart ruiten zit, ondanks het feit dat OW samen 30 punten hebben. Ad & Evert waren, vermoedelijk na een slempoging, geëindigd in 5. Op het eerste gezicht een goed contract, je verliest alleen twee Azen. Ivar & Engbert wisten daar echter wel raad mee: A, kleine schoppen getroefd, ruitje voor A en nog een schoppen getroefd. Twee down en 11 imps in the pocket.

©Henk van Doren, 12 november 2019.