Statuten

(Een printversie vind je hier.)

Naam en Zetel.

Artikel 1.

  1. De vereniging draagt de naam: “Rookvrije Bridgevereniging Ruit”. Zij wordt in de statuten verder aangeduid als “de vereniging”.
  2. Zij heeft haar zetel te Amsterdam.

 

Oprichtingsdatum, verenigingsjaar.

Artikel 2.

De vereniging werd opgericht op 1 september 1995 en wordt thans aangegaan voor onbepaalde tijd.

Het verenigingsjaar loopt van 1 september tot en met 31 augustus daaropvolgend.

 

Doel.

Artikel 3.

  1. De vereniging heeft ten doel het rookvrij uitoefenen van het bridgespel in de meest uitgebreide zin des woords te bevorderen, alles in overeenstemming met de regels welke de Nederlandse Bridge Bond en het district waartoe de vereniging behoort daarvoor vaststellen.
  2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:
    1. Lid te zijn van de Nederlandse Bridge Bond
    2. Lid te zijn van het district, waartoe de vereniging krachtens de indeling van de Nederlandse Bridge Bond behoort; en
    3. Het organiseren van- en het deelnemen aan wedstrijden en competities en andere evenementen.

 

Leden en Begunstigers.

Artikel 4.

  1. De vereniging kent drie soorten leden, te weten: gewone, ereleden en leden van verdienste, terwijl de vereniging daarnaast begunstigers kent.
  2. Leden van de vereniging zijn natuurlijke personen, die als lid van de vereniging zijn aangenomen overeenkomstig de daartoe bij het Huishoudelijk Reglement vast te stellen regelen.
  3. Ereleden en leden van verdienste zijn natuurlijke personen, die zich jegens de vereniging op bijzondere wijze hebben onderscheiden en als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd, op voordracht van het bestuur of van een of meer leden.
  4. Begunstigers zijn zij die zich bereid verklaard hebben de vereniging financieel te steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimum-bijdrage.
  5. Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

 

Toelating.

Artikel 5.

  1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden en begunstigers.
  2. Bij niet-toelating tot lid of begunstiger kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

 

Register.

Artikel 6.

Het bestuur houdt een register, waarin de namen en de adressen van de leden, ereleden, leden van verdienste en begunstigers zijn opgenomen.

 

Einde van het lidmaatschap.

Artikel 7.

  1. Het lidmaatschap eindigt:

    1. Door opzegging door het lid;
    2. Door opzegging door de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
    3. Door ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt;
    4. Door overlijden van het lid;
    5. Door royement door de vereniging of door de Nederlandse Bridge Bond.
  2. Opzegging door de vereniging en ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
  3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
  4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten
  6. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande evenwel dat het geschorste lid het recht heeft zich in de algemene vergadering, waarin het in dit lid bedoelde beroep wordt behandeld, te verantwoorden.
  7. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.

 

Einde van de rechten en verplichtingen van begunstigers.

Artikel 8.

  1. De rechten en verplichtingen van een begunstiger kunnen wederzijds door opzegging overeenkomstig de bepalingen in het huishoudelijk reglement worden beëindigd behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingsjaar voor het geheel blijft verschuldigd.
  2. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.

 

Geldmiddelen – Jaarlijkse bijdragen.

Artikel 9.

  1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit de jaarlijkse bijdragen van de leden en de begunstigers, inleggelden, boetes, schenkingen en uit eventuele andere baten.
  2. De begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse minimum-bijdrage, die door de algemene vergadering zal worden vastgesteld.
  3. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.

 

Bestuur.

Artikel 10.

  1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie personen. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering.
  2. De bestuurders worden door de algemene vergadering uit de leden der vereniging benoemd. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. De voorzitter wordt steeds als zodanig door de algemene vergadering benoemd.
  3. De algemene vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan indien zij daartoe termen aanwezig acht. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste twee derden der geldig uitgebrachte stemmen.
  4. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.

 

Einde bestuurslidmaatschap – periodiek aftreden – schorsing.

Artikel 11.

  1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen en geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk vijf jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door overlijden van en bedanken door het bestuurslid of het eindigen van zijn lidmaatschap van de vereniging.

 

Bestuurstaak – Vertegenwoordiging.

Artikel 12.

  1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging. Alle bestuurders gezamenlijk, alsmede de voorzitter en de secretaris gezamenlijk zijn bevoegd de vereniging in en buiten rechte te vertegenwoordigen. De bestuursleden kunnen zich daarbij door een schriftelijk gemachtigde doen vertegenwoordigen.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
  3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taakte doen uitvoeren door commissies of door een of meer personen die door het bestuur worden benoemd.
  4. Voor het beschikken over bank- en girosaldi is de handtekening van de penningmeester voldoende.

 

Jaarverslag- Rekening en Verantwoording.

Artikel 13.

  1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd beleid.
  3. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden, ereleden en leden van verdienste een kascommissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
  4. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
  5. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere kascommissie.
  6. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 1 en 2 tien jaren lang te bewaren.

 

Artikel 14.

  1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering – de jaarvergadering - gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
    1. Het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 13, met het verslag van de aldaar bedoelde commissie;
    2. De benoeming van de in artikel 13 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
    3. Voorziening in eventuele vacatures;
    4. Voorstellen van het bestuur, de leden, de ereleden of leden van verdienste, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
  3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
  4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek, met opgave de te behandelen onderwerpen van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 18.

 

Toegang en Stemrecht.

Artikel 15.

  1. Toegang tot de algemene vergadering hebben de leden, ereleden en leden van verdienste van de vereniging. Geen toegang hebben geschorste leden, behoudens het bepaalde in artikel 7 lid 6 en de geschorste bestuursleden.
  2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist het bestuur.
  3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem. De bestuursleden, ereleden en leden van verdienste zijn eveneens elk gerechtigd tot het uitbrengen van één stem.
  4. Een lid kan slechts één ander lid schriftelijk machtigen namens hem zijn stem uit te brengen in de vergaderingen. Van deze machtiging dient op een zodanige wijze te blijken dat het bestuur deze voldoende acht. Ieder lid kan slechts één ander lid ter vergadering vertegenwoordigen.

 

Voorzitterschap en Notulen.

Artikel 16.

  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of bij diens afwezigheid door een ander bestuurslid.
  2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt, die door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en ondertekend. In overeenstemming met hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit beslissend.

 

Besluitvorming van de algemene vergadering.

Artikel 17.

  1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
  2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van een in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid ervan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  3. Voorzover de statuten of de wet niets anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
  4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of in geval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten plaats. Heeft alsdan weder niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
  6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
  7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
  8. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
  9. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen – dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding – ook al heeft geen oproeping plaats gehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

 

Bijeenroeping algemene vergadering.

Artikel 18.

  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden volgens het ledenregister bedoeld in artikel 6. De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste zeven dagen.
  2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in de artikelen 19 en 20.

 

Statutenwijziging.

Artikel 19.

  1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De statuten zullen geen bepalingen mogen bevatten die onverenigbaar zijn met statuten en reglementen van de Nederlandse Bridge Bond, gevestigd te Utrecht en van het district waartoe de vereniging behoort. Dit lid mag nimmer gewijzigd worden zonder verkregen schriftelijke toestemming van de Nederlandsche Bridge Bond.
  2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, aan alle leden toegezonden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste tweederde van de geldig uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin ten minste tweederde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is. Is niet tweederde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt na die vergadering een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden binnen vier weken na de eerste vergadering, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste tweederde van de geldig uitgebrachte stemmen.

 

Ontbinding.

Artikel 20.

  1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
  2. Bij ontbinding van de vereniging benoemt de algemene vergadering minstens twee vereffenaars, die gehouden zijn over hun beleid iedere drie maanden, dat de liquidatie voortduurt, verantwoording af te leggen.
  3. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen.

 

Huishoudelijk reglement.

Artikel 21.

  1. De algemene vergadering kan bij Huishoudelijk Reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, introductie, het bedrag van de jaarlijkse bijdrage, de werkzaamheden van het bestuur, de vergadering, de wijze van uitoefenen van het stemrecht en alle verdere onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
  2. Wijziging van het Huishoudelijk Reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering, via een schriftelijk voorstel door ten minste eenderde gedeelte van de stemgerechtigden van de vereniging, of op voorstel van het bestuur.
  3. Het Huishoudelijk Reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met deze statuten of met de statuten van de Nederlandsche Bridge Bond, gevestigd te Utrecht en van het district waartoe de vereniging behoort. Dit lid mag nimmer gewijzigd worden.

 

Artikel 22.

In gevallen waarin deze statuten of het Huishoudelijk Reglement niet voorzien, beslist het bestuur.